Talrijke uitdagingen voor funderingsbranche Pag. 10 BEZOEK OOK DE WEBSITE WWW.GWWTOTAAL.NL NUMMER 1 | JAARGANG 17 | JANUARI 2026 HET GROOTSTE GWW PLATFORM IN NEDERLAND THEMA FUNDERINGSWERKEN FUNDERINGSWERKEN Wijkaanpak als oplossing voor funderingsschade 14 INFRA RELATIEDAGEN Waar de infra-sector samenkomt 17 TALENT Herbruikbare afdekhoes voor verkeersborden 27 BETONPLATEN KEERWANDEN T : +31 (0)528 28 70 07 info@zwaagstrabeton.nl www.zwaagstrabeton.nl NU MAILEN: BINNEN 24 UUR EEN COMPLETE OFFERTE! GOTEN SPECIALS Duurzame mobiele energieoplossingen www.bredenoord.com Jouw veiligheid staat voorop Voorkom ongelukken Meer weten? Scan de QR-code Ahlmann Nederland 073 599 7755 info@ahlmann.nl
Driehoekspark Rotterdam: van asfaltvlakte naar klimaatpark met Rockflow® Driehoekspark Rotterdam maakt wateroverlast én droogte beheersbaar. Het plein is veranderd van een uitgestrekte asfaltvlakte in een klimaatpark met een geïntegreerde Rockflow Urban Water Buffer. Waar het gebied bij hevige buien snel onder water stond en het riool zware piekbelastingen kreeg, wordt regenwater nu lokaal opgevangen, gebufferd en gefilterd. Tegelijkertijd helpen de nieuwe voorzieningen om droge perioden door te komen, doordat opgeslagen water beschikbaar blijft. Dubbele klimaatopgave in de wijk De gemeente Rotterdam zocht een oplossing die wateroverlast en droogte tegengaat, de waterkwaliteit verbetert en de leefomgeving aantrekkelijker maakt. Het Driehoekspark moest minder kwetsbaar worden voor extreme neerslag en langere droogteperiodes, en meer groen en verblijfsruimte bieden aan omwonenden. Steenwol als ondiepe spons onder het plein Samen met Van Dijk Maasland is gekozen voor een Rockflow systeem van circa 300 kubieke meter onder het vernieuwde plein. Tijdens een bui stroomt regenwater naar de steenwol, waar de minerale vezels als eerste filter functioneren: zwevende deeltjes en gebonden verontreinigingen worden afgevangen. Het gefilterde water wordt naar een diepe grondwaterbel gepompt en in droge perioden weer benut voor de irrigatie van groen. Ruimtelijke kwaliteit en technisch beheer in één Boven de grond is de transformatie zichtbaar: de voormalige asfaltvlakte is een groen, uitnodigend plein geworden dat bijdraagt aan verkoeling, biodiversiteit en gebruikswaarde voor de buurt. Ondergronds werkt Rockflow als een waterbufferen filter die de druk op het achterliggende watersysteem vermindert en de waterkwaliteit verbetert. Het Driehoekspark laat zien hoe stedelijke herinrichting en klimaatadaptatie in één compacte, beheersbare maatregel samenkomen. RAINWATER SYSTEMS Wilt u meer weten? Scan de code en ontdek meer informatie over dit project, inclusief verschillende impressies van het klimaatpark met Rockflow
3 NUMMER 1 / JANUARI 2026 Fundament van Nederland Het goed functioneren van gebouwen en infrastructuur in Nederland is sterk afhankelijk van de ondergrond. We kennen de beelden van golvende wegen en gebouwen met scheuren en scheefstand. Inklinkende bodems, zakkende grondwaterspiegels en verschuivende grondlagen: geen weg, kunstwerk of gebouw is bestand tegen een slechte ondergrond. “Wij werken aan een goed fundament voor Nederland”, zegt Jaap Estié, Directeur van de Nederlandse Vereniging Aannemers Funderingswerken (NVAF), in een gesprek dat ik met hem had. De funderingsbranche heeft de laatste jaren de handen vol aan het herstellen en verbeteren van kades en dijken en goed funderen van tunnels, viaducten en bruggen in nieuwe infrastructuur. Maar ook in de gebouwde omgeving liggen er vele uitdagingen. Wat ook aandacht vraagt is een draagkrachtige en stabiele ondergrond in de uitvoeringsfase of tijdens herstelwerkzaamheden. Er zijn al hei-installaties omgevallen door een instabiele bodem. Geen wonder dat de NVAF werkt aan de herziening van de richtlijn voor het Bouwterreincertificaat. Met dit certificaat verklaart een opdrachtgever dat het terrein correct is ontworpen, aangelegd, geïnspecteerd en onderhouden voor optimale begaanbaarheid en draagkracht, vereist voor funderingswerkzaamheden en zware machines. Ophogen Wist je trouwens dat gemeenten op een slappe bodem gemiddeld tweemaal zoveel geld kwijt zijn aan het onderhouden van de openbare ruimte als gemeenten op stevige grond? Wegen verzakken, rioleringen, kabels en leidingen breken. Gelukkig zijn er diverse lichte materialen waarmee je de bodem kunt ophogen. Denk aan EPS, Bims, Argex-korrels, Schuimbeton, schuimglas en zelfs wilgentenen! Door het grote aanbod aan lichte ophoogmaterialen zien gemeenten, ontwerpers, ontwikkelaars en aannemers soms door de bomen het bos niet meer. Daarom presenteert het Kenniscentrum Bodemdaling en Fundering (KBF) alle oplossingen in een handig overzicht. In het najaar 2025 is het overzicht grondig geactualiseerd. In deze GWW Totaal veel aandacht voor deze ophoogmaterialen en ook de kosten! Genoeg leesvoer dus weer! INHOUD COLUMN ING. FRANK DE GROOT 12 36 advertenties 05 Actueel Haringvlietbrug extra verstevigd 06 Actueel Column Straatwerk 07 Actueel Grootste walstroomproject ter wereld THEMA FUNDERINGSWERKEN 10 Funderingswerken Talrijke uitdagingen voor funderingsbranche 12 Funderingswerken Innovatieve ophoogtechnieken rication Systems Lubrication System Components Lubrication System Accessories Specialty Products Indust ease and Lubricants Installation Tools Transportation and Trucking Construction and Heavy Equipment Agric rvices Next Generation Automated Lubrication Automatic Lubrication Systems Lubrication System Compon m Design and Engineering Custom design and Engineering Grease and Lubricants Installation Tools Tra ng Equipment Industrial Manufacturing Maintenance and Repair Services Next Generation Automated Lu tem Accessories Specialty Products Industry Specific Solutions System Design and Engineering Custom desig Construction and Heavy Equipment Agricultural Machinery Mining Equipment Industrial Manufacturing Ma rication Systems Lubrication System Components Lubrication System Accessories Specialty Products Indust ease and Lubricants Installation Tools Transportation and Trucking Construction and Heavy Equipment Agric rvices Next Generation Automated Lubrication Automatic Lubrication Systems Lubrication System Compon m Design and Engineering Custom design and Engineering Grease and Lubricants Installation Tools Tra ng Equipment Industrial Manufacturing Maintenance and Repair Services Next Generation Automated Lu tem Accessories Specialty Products Industry Specific Solutions System Design and Engineering Custom desig Construction and Heavy Equipment Agricultural Machinery Mining Equipment Industrial Manufacturing Ma rication Systems Lubrication System Components Lubrication System Accessories Specialty Products Indust ease and Lubricants Installation Tools Transportation and Trucking Construction and Heavy Equipment Agric rvices Next Generation Automated Lubrication Automatic Lubrication Systems Lubrication System Compon m Design and Engineering Custom design and Engineering Grease and Lubricants Installation Tools Tra ng Equipment Industrial Manufacturing Maintenance and Repair Services Next Generation Automated Lu tem Accessories Specialty Products Industry Specific Solutions System Design and Engineering Custom desig Construction and Heavy Equipment Agricultural Machinery Mining Equipment Industrial Manufacturing Ma rication Systems Lubrication System Components Lubrication System Accessories Specialty Products Indust ease and Lubricants Installation Tools Transportation and Trucking Construction and Heavy Equipment Agric rvices Next Generation Automated Lubrication Automatic Lubrication Systems Lubrication System Compon m Design and Engineering Custom design and Engineering Grease and Lubricants Installation Tools Tra WELK SMEERSYSTEEM KIEST U? saleseurope@lubecore.com +31(0)592 37 27 19 info@middelbos.nl www.middelbos.nl Import en Groothandel ON-VOOR-STEL-BAAR Onvoorstelbaar groot is ons assortiment aanhangeronderdelen en banden voor Landbouw, Tuin & Park, Quad en Industrie. Door dat enorme assortiment hebben wij altijd voor u het beste, het snelst leverbare en het meest prijsvriendelijke artikel in huis. Vandaag besteld, is morgen in huis. Wielen kunnen we passend maken in onze eigen workshop. In elke gewenste kleur. Met plezier werken wij ons uit de naad voor uw sloffen. NIEUW Landbouwassen Landbouwbanden Industriebanden Velgen BEZOEK ONZE WEBSHOP NIEUW +31(0)592 37 27 19 info@middelbos.nl www.middelbos.nl Import en Groothandel ON-VOOR-STEL-BAAR Onvoorstelbaar groot is ons assortiment aanhangeronderdelen en banden voor Landbouw, Tuin & Park, Quad en Industrie. Door dat enorme assortiment hebben wij altijd voor u het beste, het snelst leverbare en het meest prijsvriendelijke artikel in huis. Vandaag besteld, is morgen in huis. Wielen kunnen we passend maken in onze eigen workshop. In elke gewenste kleur. Met plezier werken wij ons uit de naad voor uw sloffen. NIEUW Landbouwassen Landbouwbanden Industriebanden Velgen BEZOEK ONZE WEBSHOP NIEUW 592 37 27 19 middelbos.nl middelbos.nl n Groothandel EK E OP 14 Funderingswerken Wijkaanpak als oplossing voor funderingsschade EN VERDER 17 Infra Relatiedagen Beursnieuws 26 Materieel Nieuws 27 Jong Talent Herbruikbare afdekhoes voor verkeersborden 30 Groen Omgevingswet en Natuurherstelverordening bieden kansen 32 Groen Nieuws 35 Vereniging Straatwerk Nederland KBR Straatwerk: nieuw kwaliteitskeurmerk straatwerk 36 MKB INFRA Gesprek met Deltacommissaris Co Verdaas 38 Ondernemen Aanbesteden & Aannemen 39 Productnieuws Productnieuws GWW-sector
ONTDEK ONS COMPLETE ASSORTIMENT SMEERVETTEN ONTDEK DE KRACHT VAN DE Q11 XTREME DUTY GREASE EP 2 EN COMPOUND OGL GREASE EP 0/1 MAXIMALE BESCHERMING MINIMALE ZORGEN Hoog visceuze smeerfilm waardoor bestand tegen extreme (schok)belasting. Transparante smeerfilm biedt eenvoudige inspectie en onderhoud. Zeer lage frictie bij hoge belasting wat resulteert in verlaging van bedrijfstemperatuur en verlenging van levensduur van de componenten. www.gebroedersgeens.be Made in Belgium • since 1989
5 NUMMER 1 / JANUARI 2026 ACTUEEL Haringvlietbrug met spoed extra verstevigd Wet collectieve warmte aangenomen advertenties De Eerste Kamer stemde op 9 december 2025 in met de Wet collectieve warmte (Wcw). De verwachting is dat de wet vanaf half 2026 gefaseerd in werking zal treden. Samen met de Energiewet en de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie zijn de wettelijke kaders voor de energietransitie nu compleet. Dat de Wcw is aangenomen is een historisch moment. Deze wet herorganiseert de warmtemarkt en is voor de bebouwde omgeving een cruciaal onderdeel van een toekomst zonder fossiele energiebronnen. De belangrijkste doelen van het demissionaire kabinet zijn dan ook het zorgen voor duurzame en betrouwbare levering van warmte en het beter beschermen van consumenten tegen hoge energiekosten. In veel huizen en gebouwen wordt nu nog gebruik gemaakt van aardgas als warmtebron. Collectieve warmte is duurzamer en daarmee een stap richting het behalen van de klimaatdoelen. WAT REGELT DEZE WET? De Wet collectieve warmte bepaalt onder meer dat warmtebedrijven voor meer dan 50% in handen komen van overheden, zoals gemeenten of provincies. Op deze manier hebben zij de eindverantwoordelijkheid bij het bepalen van het beleid van het warmtebedrijf en de warmtenetten. In de huidige situatie zijn collectieve warmtesystemen in handen van commerciële bedrijven. Voor kleine warmtesystemen met maximaal 1.500 aansluitingen zijn de regels wat soepeler. Warmtebedrijven kunnen dan om ontheffing vragen voor het verbod op het leveren en transporteren van warmte. Zij hoeven dan niet door de gemeente aangewezen te zijn om toch warmte te kunnen leveren. De Wcw noemt wel een aantal voorwaarden waar deze kleine warmtesystemen in zo'n geval aan moeten voldoen. BESCHERMING TEGEN HOGE ENERGIEPRIJZEN Verder wordt het tarief van energie via warmte met dit wetsvoorstel meer gebaseerd op wat de aanleg en het onderhoud van een collectief warmtesysteem kost. Consumenten zijn hiermee niet meer afhankelijk van de fluctuerende gasprijs. Dit beschermt klanten en warmtebedrijven tegen hoge energieprijzen. Ook wil het kabinet op deze manier de betrouwbaarheid van het warmtesysteem verhogen, zodat er minder kans is op storingen. Bovendien bevat het wetsvoorstel specifieke regels voor kleine collectieve warmtesystemen, verhuurders, verenigingen van eigenaars en warmtetransportbeheerders. Werkzaamheden Vattenfall Heat Nederland aan warmtenet in Amsterdam. Foto: Vattenfall / Jorrit Lousberg. Foto: Rijkswaterstaat. De Haringvlietbrug is technisch gezien aan het einde van z’n levensduur. Door langdurige en zware belasting van vooral het vrachtverkeer is er al een aantal jaar sprake van vermoeiing van het staal van de brug. Onlangs bleek uit inspectie dat dit eerder geconstateerde vermoeiingsprobleem ernstiger is dan tot nu toe gedacht. Daarom wordt de Haringvlietbrug nu met spoed extra verstevigd. De Haringvlietbrug is een 1.222 meter lange vaste brug met een beweegbaar deel, een basculebrug. Op de brug ligt de snelweg met daarnaast een parallelbaan voor langzaam verkeer. De Haringvlietbrug is opengesteld in 1964 en was toen de langste verkeersbrug in Europa. In 2023 is het beweegbare deel van de brug gerenoveerd en werden de klep, het bewegingswerk en technische systemen voor de bediening, bewaking en besturing vernieuwd. Tegenwoordig maken op een werkdag ongeveer 66.000 voertuigen gebruik van de brug. Op het Haringvliet kan scheepvaart tot 13 meter onder het vaste deel van de brug door. Voor hogere schepen, met name pleziervaartuigen, wordt de brug geopend. SCHEURTJES Het geconstateerde probleem betreft assen tussen de ondersteuningsbalk en de dwarsverbinding onder de rechterrijstrook richting Bergen op Zoom waarop veel vrachtverkeer rijdt. Bij deze lassen kunnen kleine scheurtjes plotseling doorscheuren. Dat kan leiden tot een lokale breuk, die gevolgen heeft voor het gebruik van de brug. Om dit te voorkomen worden er met spoed extra versterkingen aangebracht. Deze problemen passen in het bredere beeld van verouderende infrastructuur. BOUTVERBINDINGEN Onder de rechterrijstrook richting Bergen op Zoom worden duizend lasverbindingen versterkt door staalplaten met een boutverbinding. Deze zogenoemde overkluizingen kunnen de kracht van de las overnemen. De werkzaamheden zijn inmiddels gestart en zijn voor de winter van 2027 klaar. Het wegverkeer heeft hier geen hinder van. Scheepvaart die onder de vaste brug door wil varen, moet rekening houden met beperkte doorvaartruimte. Ze kunnen niet onder het brugdeel varen waarboven gewerkt wordt. Het beweegbare deel van de brug wordt gewoon geopend voor de hoge scheepvaart. Tot het moment dat de versterkingswerkzaamheden zijn afgerond, inspecteert Rijkswaterstaat de brug intensief. Deze extra inspecties kunnen aanleiding geven om de rechterrijstrook richting Bergen op Zoom tijdelijk af te sluiten. Wanneer dit nodig is, wordt deze maatregel direct toegepast en wordt dat breed gecommuniceerd. De maatregel zal van kracht blijven voor de duur van het uitvoeren van het herstel. VERNIEUWING HARINGVLIETBRUG De Haringvlietbrug is één van de bruggen die vernieuwd moet worden. De verwachting is dat de vernieuwing van de Haringvlietbrug start in 2031 of 2032. De voorbereiding daarvan is inmiddels gestart. Technologie en kwaliteit „Made in Germany“ Veegmachines | Sneeuwschuiven | Zoutstrooiers 12-Volt | Onkruidbestrijding machines | Boorwagens Informeer nu bij: + 31 6 24764353 j.withag@adler-arbeitsmaschinen.nl | www.adler-arbeitsmaschinen.nl Anzeige ADLER Programm 117x85 (NL).indd 1 12.11.20 12:15
PLATFORM VOOR GROND-, WEG- EN WATERBOUW 6 Het is nu eind januari, de eerste maand van het nieuwe jaar zit er al weer bijna op en er liggen elf maanden 2026 voor ons. Maar toch wil ik met u nog even terugkijken naar het afgelopen jaar 2025. Aan het begin van dat jaar werd de bestratingsbranche geconfronteerd met het programma ‘Goed Werkgeverschap’ van de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA). De straatmakers branche had de eer om als eerste beroepsgroep hiermee te worden geconfronteerd en dat hebben wij geweten ook. Doel van dit programma was en is: betere naleving van wet- en regelgeving. Naleving door de bedrijven zelf, maar ook in de (productie)keten waarbinnen die bedrijven invloed hebben op de arbeidsomstandigheden bij andere bedrijven - bijvoorbeeld als opdrachtgever. Het programma richt zich op sectoren en ketens waar de risico’s op oneerlijk, ongezond en onveilig werk het grootst zijn. De bestratingsbranche werd hier vorig jaar volop mee geconfronteerd. Maar laat ik hier direct zeggen dat wij de controles door de NLA op naleving van de wet- en regelgeving toejuichen. In geval van de straatmakers gaat het in veel gevallen om terugdringing van de fysieke belasting, zodat er veilig en gezond gewerkt wordt. Op zich is dit niet nieuw; sinds 1 januari 2007 moesten in redelijkheid en billijkheid al aaneengesloten werken van tenminste 1.500 m² machinaal verwerkt worden. En al vrij snel werd dat machinaal, tenzij. CROW te Ede heeft daarvoor de afgelopen jaren publicaties 255, 282 en 324 uitgegeven. Hierin is het gehele proces helder en duidelijk omschreven hoe te komen tot een verantwoorde afweging tussen handmatig en mechanisch straatwerk. Dit alles om de fysieke belasting van de beroepsgroep te beperken. Dat is geen overbodige luxe. Sterker nog: het is bitter noodzaak. GOED OPDRACHTGEVERSCHAP? Dat vanuit het programma ‘Goed Werkgeverschap’ de NLA werken controleert en daar waar nodig bij overtreding van de wet werken stillegt is toe te juichen. Maar wat wel jammer is dat de opdrachtnemer het slachtoffer hiervan is, terwijl in het merendeel van de gevallen de oorzaak ligt bij de opdrachtgever. Uit de cijfers van de NLA (bijgewerkt t/m oktober 2025) blijkt dat na inspectie bij meer dan de helft van de gecontroleerde werken (55%) een overtreding is geconstateerd. De opdrachtgever van straatwerk is in de meeste gevallen een Nederlandse gemeente. Juist van zo’n organisatie mag je toch verwachten dat zij de wet kennen en zich als zodanig naar verhouden. Dit blijkt echter in de praktijk vaak niet het geval. De kennis hieromtrent en de verantwoordelijkheid die dat met zich meebrengt, zowel in de ontwerpfase als in de uitvoeringsfase, is nagenoeg niet aanwezig. Uitzonderingen daargelaten natuurlijk. IN DE SPIEGEL KIJKEN Het onvoldoende tegengaan van fysieke belasting bij het aanbrengen van elementenverharding ligt niet alleen aan opdrachtgeverszijde. Ook de opdrachtnemers dragen hierin verantwoordelijkheid. Wij hebben het met zijn alle gewoonweg niet voldoende opgepakt en hebben dit laten gebeuren. Dus laten wij als sector vooral naar onszelf kijken en niet de NLA hiervoor verantwoordelijk stellen. Nu we aan het begin van een nieuw jaar staan, is het ook weer tijd om na te denken over de goede voornemens voor het jaar 2026. Ik zou daar graag een voorschot op willen nemen voor zowel de opdrachtgevers en opdrachtnemers: na ruim achttien jaar wil ik het terugdringen van de fysieke belasting bij de beroepsgroep straatmakers nu echt als prioriteit stellen en dit tot een succes maken. Dit succes hebben wij als maatschappij nodig om het vak aantrekkelijk te houden. Daardoor kan er weer meer instroom komen, zodat er in de toekomst ook nog straten, stoepen en pleinen aangelegd kunnen worden. Opdrachtgever; verdiep je in de vergewisplicht vanuit het arbo-omstandighedenbesluit artikel 2.26 en neem je verantwoordelijkheid in zowel ontwerp- als uitvoeringsfase. Opdrachtnemer; maak vooral gebruik van je waarschuwingsplicht als tijdens de aanbestedingsfase iets je niet duidelijk is of als het straatwerkplan ontbreekt bij de stukken. Ga immer uit van het machinaal verwerken van elementenverharding. Heb je als opdrachtgever of opdrachtnemer vragen, stel die dan aan onze hulplijn. Deze kan je vinden via https://straatwerknederland.nl/hulplijn-optimaal-machinaal/. Ik wens u voor nu en de toekomst het goede, maar vooral veilig en gezond werken toe. Theo Noorlander Operationeel directeur STRAATWERK Nederland Theo geeft in iedere uitgave van GWW Totaal zijn visie op de bestratingsbranche Veilig en gezond werken COLUMN STRAATWERK Prioriteit op het spoor voor militair transport Militaire transporten op het spoor krijgen voorrang als ze urgent zijn en er geen capaciteit beschikbaar is. Het kabinet wil die voorrang mogelijk maken gezien de verwachte groei van militaire mobiliteit. Zo moet worden voorkomen dat een trein met bijvoorbeeld tanks noodgedwongen moet wachten tot er wel ruimte is. “We leven in een tijd dat het steeds belangrijker wordt om militairen en militair materieel snel te kunnen verplaatsen”, zegt staatssecretaris Thierry Aartsen van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. “De dreiging van een militair conflict in Europa neemt toe. Met deze maatregel zorgen we ervoor dat er altijd capaciteit is voor militair transport op het spoor. Daarmee lopen we vooruit op besluitvorming in Brussel en laten we zien wat hiervoor nodig is. Zo dragen we bij aan de veiligheid van Nederland en Europa.” GEEN RUIMTE OP SPOOR Het vervoer van militair materieel gebeurt vooral vanuit de Nederlandse zeehavens naar de grens. Maar er kunnen bijvoorbeeld ook militaire transporten vanuit België door Nederland naar Duitsland gaan. Vrijwel alle capaciteit op het Nederlandse spoor wordt jaarlijks verdeeld, maar militaire transporten kunnen moeilijk vooraf worden ingepland. Ze maken daarom gebruik van de capaciteit die ProRail standaard reserveert voor ad hoc vervoer. Maar als die reservecapaciteit ook vol is, zijn treinen met tanks, materieel of mensen gedwongen te wachten. Met de verwachte groei van militaire mobiliteit wordt de kans steeds groter dat die ongewenste situatie zich voordoet. Voldoende capaciteit voor militaire transporten hoort ook bij de verplichtingen als NAVO-lidstaat. URGENT MILITAIR TRANSPORT De regelgeving wordt nu zo aangepast dat militair transport in zo’n geval voorrang krijgt op het andere vervoer op het spoor. Er moet dan wel ook sprake zijn van een urgent militair transport. Dat is bijvoorbeeld het geval als er bijzondere eisen gelden voor een transport, zoals constante bewaking bij een munitietransport. Ook het dreigingsbeeld kan aanleiding zijn om een transport aan te merken als urgent. En ten slotte zijn er treinen die echt op een bepaald moment op een bepaalde plek moeten aankomen. De ministers van Defensie en Infrastructuur en Waterstaat bepalen gezamenlijk welke transporten urgent zijn en dus prioriteit krijgen. De maatregel kan hinder voor reizigers opleveren, maar er wordt alleen capaciteit ingetrokken als het écht niet anders kan. PLEK IN REGELGEVING Medio december is de internetconsultatie gestart om de regels rond de verdeling van spoorcapaciteit aan te passen. De maatregel gaat op z’n vroegst in het najaar van 2026 in. Daarmee krijgt militair transport voor het eerst een plek in deze regelgeving. Ook in Europa wordt gewerkt aan voorrang voor militaire transporten. Het geven van prioriteit is één van de maatregelen die staatssecretaris Aartsen neemt om het militair transport over het spoor te verbeteren. Zo heeft hij een impactanalyse naar het Nederlandse spoor laten uitvoeren. Naar aanleiding daarvan gaat het ministerie van IenW samen met Defensie en ProRail op zoek naar knelpunten op het spoornetwerk voor militaire transporten. Ook wordt er samen met ProRail een gezamenlijke weerbaarheidsstrategie ontwikkeld, waarmee het spoor weerbaarder wordt tegen hybride dreigingen. Verder wil Aartsen voorkomen dat militaire treinen door papierwerk blijven stilstaan bij de grens. En spooremplacementen worden aangepast om ze beter geschikt te maken voor militaire mobiliteit. Denk aan het faciliteren van 740 meter lange goederentreinen.
7 NUMMER 1 / JANUARI 2026 ACTUEEL Grootste walstroomproject ter wereld Natuur herstelt na ophoging Roggenplaat Zicht op de Roggenplaat, met daarachter de Oosterscheldekering. Foto: Edwin Paree / Rijkswaterstaat. In 2019 heeft Rijkswaterstaat de Roggenplaat opgehoogd om dit gebied te behouden als voedselgebied voor watervogels. De resultaten van vijf jaar monitoren laten nu zien dat dit gelukt is. Bodemdieren en vogels zijn teruggekeerd op de opgehoogde plekken en de plaat is in volume behoorlijk toegenomen. water te liggen. Om de platen als voedselgebied voor vogels te behouden is de zandplaat vijf jaar geleden opgehoogd met 1,1 miljoen kuub zand. Suppleties werden verdeeld over zeven plekken om eventuele natuurschade door het aanbrengen van nieuw zand te beperken. Ook startte een monitoringsprogramma om de gevolgen van het suppleren in beeld te brengen. NA VIJF JAAR MONITOREN Uit de monitoringsresultaten die begin december 2025 werden gepubliceerd blijkt dat de Roggenplaat zijn functie als voedselgebied voor vogels heeft behouden en voor de nabije toekomst is veiliggesteld. Het totaal aantal voedselzoekende vogels op de Roggenplaat is steeds vergelijkbaar gebleven met de situatie vóór de ophoging van het gebied. In de eerste jaren na de ophogingen maakten vogels gebruik van de niet-opgehoogde delen van de plaat. Geleidelijk namen de vogels de opgehoogde delen van de plaat weer in gebruik naarmate de bodemdiergemeenschappen en sedimenten zich herstelden. TERUG OP DE PLAAT Op alle opgehoogde delen zijn bodemdieren en vogels na vijf jaar teruggekeerd. Beschutte dunnere suppleties met fijner zand vertoonden al na twee jaar vergelijkbaar bodemleven met de rest van de plaat. Op plekken met veel erosie met dikkere suppleties duurt dit langer. Maar ook hier komen de bodemdieren terug. De meeste vogels (zoals de bonte strandloper, scholekster, rosse grutto, wulp en zilverplevier) maken inmiddels ook gebruik van de gesuppleerde delen van de plaat. Wel zijn er verschillen tussen soorten. De kanoet en rosse grutto, die een voorkeur hebben voor fijner zand en lagergelegen delen van de plaat, gebruiken de opgehoogde plaatdelen nog minder intensief. De bonte strandloper blijkt juist een liefhebber van de nieuwe ophoogde delen van de plaat. NIET MEER TE ZIEN De zandplaat zelf heeft zich naar plan en wens ontwikkeld. De afzonderlijke zeven suppleties zijn na vijf jaar niet meer direct als suppleties te herkennen. Ze lijken te zijn opgegaan in de Roggenplaat als geheel. Het voor vogels belangrijke gebied op de Roggenplaat (het gebied dat meer dan 50% van de tijd droogvalt) is fors groter geworden door de zandsuppleties: van 602 naar 726 hectare. En ook de erosie van de plaat verloopt naar verwachting. Na vijf jaar is 90% van het aangebrachte volume nog aanwezig op de plek van aanleg of binnen 50 meter. LESSEN VOOR DE GALGENPLAAT “We zijn heel blij met dit resultaat. Het laat zien dat we steeds beter worden in het suppleren op dit soort gevoelige gebieden”, aldus projectleider Harry de Looff bij Rijkswaterstaat. “Door bewust zones op de plaat ongemoeid te laten hebben we de vogelgemeenschap in staat gesteld zich aan te passen zonder verlies aan soorten en aantallen.” In de winter van 2026 is de planning om ook de Galgenplaat, het tweede belangrijke voedselgebied in de Oosterschelde, op te gaan hogen. De lessen die bij de Roggenplaat zijn opgedaan worden meegenomen voor dit project. De Roggenplaat is één van de belangrijkste voedselgebieden van vogels in de Oosterschelde. Bij laagwater wordt de plaat bezocht door bijna 20.000 vogels die genieten van de vele kreeftjes, wormen en schelp- en schaaldieren die in de bodem vertoeven. Ook voor zeehonden is de plaat een belangrijke rustplek. Sinds de komst van de Oosterscheldekering is de getijdewerking in de Oosterschelde veranderd en komt de Roggeplaat steeds dieper in het De haven van Rotterdam krijgt gecombineerde walstroomsystemen die naar verwachting de grootste ter wereld zijn tot nu toe. ABB heeft contracten getekend met Rotterdam Shore Power (RSP), een joint venture van de Port of Rotterdam en Eneco, een internationaal energiebedrijf met hoofdkantoor in Nederland, voor het ontwerpen en bouwen van walstroomsystemen. De op maat ontworpen oplossingen leveren stroom aan drie diepzeecontainerterminals in de grootste haven van Europa. Naar verwachting worden ze in de tweede helft van 2028 in gebruik genomen. Een walstroomaansluiting stelt schepen in staat hun motoren uit te schakelen terwijl ze aangemeerd liggen. Volgens berekeningen van Rotterdam Shore Power kan de jaarlijkse CO2-uitstoot van de schepen die de drie diepzeecontainerterminals aandoen, met naar schatting 96.000 ton worden verminderd vanaf 2030 door ten minste 90 procent van de ligduur gebruik te maken van walstroom. Dit zal ook geluidsoverlast elimineren en de luchtkwaliteit in het havengebied aanzienlijk verbeteren. Dat leidt tot een betere werk- en leefomgeving. De walstroomsystemen bestaan uit meerdere installaties voor de haven van Rotterdam. De totale capaciteit is meer dan 100 megavoltampère (MVA). De installaties zullen bijdragen aan een aanzienlijke vermindering van de emissies in de haven van Rotterdam en de naleving van de FuelEU Maritieme Verordening ondersteunen. De wetgeving vereist dat alle container- en passagiersschepen met een bruto tonnage van meer dan 5.000 ton vanaf 1 januari 2030 in EU-havens gebruikmaken van walstroomvoorziening of een gelijkwaardige emissievrije technologie. GEPREFABRICEERDE OPLOSSINGEN De walstroomsystemen van ABB leveren stroom op 35 aansluitpunten, verspreid over de APM Terminals Maasvlakte II (APMT)-faciliteit en de Hutchison Ports ECT Delta- en Hutchison Ports ECT Euromax-terminals. Hiermee kunnen tot 32 containerschepen tegelijkertijd van stroom worden voorzien tijdens laad- en loswerkzaamheden. De overeenkomst omvat ook een meerjarig servicecontract voor elke terminal. De contracten werden in december 2025 getekend. De financiële details zijn niet openbaar gemaakt. Naast het ontwerpen, leveren en installeren van de walstroomsystemen is ABB ook verantwoordelijk voor de inbedrijfstelling en het testen op locatie. Geprefabriceerde oplossingen verkorten de installatietijd en minimaliseren de operationele verstoring. Daarnaast is de infrastructuur schaalbaar om te voldoen aan toekomstige groei en integratie met hernieuwbare energiebronnen. De leveringsomvang van ABB omvat ook het SCADA-systeem (Supervisory Control and Data Acquisition), dat de bewaking en besturing van het walstroomnet mogelijk maakt en het energieverbruik registreert voor een nauwkeurige facturering aan de klant. ROTTERDAM IS KOPLOPER “We zijn verheugd om met ABB samen te werken aan dit baanbrekende project voor RSP”, aldus Ina Barge en Tiemo Arkesteijn, co CEO’s van Rotterdam Shore Power. “Dankzij onze diepgaande kennis en bewezen staat van dienst kunnen we walstroom beschikbaar maken voor alle schepen die de APMT- en ECT-terminals in de haven van Rotterdam aandoen. Daardoor wordt de CO2-uitstoot aanzienlijk verminderd. Rotterdam is een koploper op het gebied van elektrificatie op deze schaal.” “Dit grootschalige project met meerdere installaties voor Rotterdam Shore Power toont de expertise van ABB aan in het leveren van walstroom van concept tot aansluiting”, aldus Rune Braastad, President van de divisie Marine & Ports van ABB. “Onze efficiënte, beproefde totaaloplossingen omvatten alles van ontwerp en inbedrijfstelling tot onderhoud en ondersteuning, met minimale verstoring van de bedrijfsvoering tijdens de installatiefase. We zijn er trots op bij te dragen aan de decarbonisatie van de haven van Rotterdam. Dat is een belangrijke stap in de richting van de EU-ambitie voor emissievrije havens.” Onder meer de APM Terminals Maasvlakte II (APMT)-faciliteit krijgt een walstroomaansluiting. Ook de Hutchison Ports ECT Delta- (op foto) en Hutchison Ports ECT Euromax-terminals krijgen een walstroomaansluiting.
BUILDING A SOLID FUTURE DUURZAAM BOUWEN MET BETON Samen bouwen aan een solide toekomst Bel uw persoonlijke adviseur Tel: 0342 - 44 10 50 Easypath Nederland B.V. | Abe Lenstra Boulevard 38 | 8448 JB Heerenveen info@easypath.nl | 088 0156 789 | www.easypath.nl MAAKT NEDERLAND TOT EEN COMFORTABEL EN VEILIG FIETSLAND Easypath Nederland BV ontwikkelt, levert en realiseert hoogwaardige en duurzame fiets- en voetpaden. De onderling gekoppelde elementen zijn voorzien van een uiterst fijne structuur, met elk gewenst motief of kleur, waardoor deze tot de meest innovatieve en comfortabele fiets- en voetpaden van Nederland behoren. Kernbegrippen van Easypath zijn: - demontabel - ongevoelig voor boomwortels - duurzaam - lage rolweerstand - snelle montage - hoge restwaarde
9 NUMMER 1 / JANUARI 2026 ACTUEEL Officiële opening nieuw bedrijfspand SGGB succesvol gevierd Op donderdag 21 augustus vierde SGGB een bijzondere mijlpaal: de officiële opening van het nieuwe bedrijfspand aan de A.J. Romijnweg 6 te Winschoten. Deze gebeurtenis markeert niet alleen een nieuw hoofdstuk in de geschiedenis van het bedrijf, maar ook een belangrijk moment in de verdere groei en professionalisering van de organisatie. Na maanden van voorbereiden, bouwen en inrichten kon het team eindelijk het resultaat laten zien: een moderne, toekomstbestendige werkomgeving waar innovatie, duurzaamheid en samenwerking centraal staan. Het pand is energieneutraal ontworpen en draait op groene energie uit Nederland. FEESTELIJKE BIJEENKOMST MET BREDE BETROKKENHEID De opening werd gevierd in het bijzijn van ongeveer 350 bezoekers, een flinke opkomst. Burgemeester Cora-Yfke Sikkema verrichtte de officiële openingshandeling en sprak lovende woorden over de bijdrage van SGGB aan de lokale economie en werkgelegenheid. Naast de burgemeester waren ook tal van relaties, medewerkers, familieleden en vrienden aanwezig. De grote opkomst onderstreepte de waardering en verbondenheid die velen voelen met het bedrijf. Tijdens de bijeenkomst werd niet alleen stilgestaan bij de groei van SGGB, maar ook bij de weg die daartoe heeft geleid. In de toespraak werd teruggeblikt op de beginjaren van het bedrijf, de uitdagingen die onderweg zijn overwonnen, en de gezamenlijke inzet die de huidige positie mogelijk heeft gemaakt. “Dit pand is niet alleen een gebouw,” zei directeur Michiel Bos, “het is een symbool van de toewijding en het vakmanschap van iedereen die hieraan heeft meegewerkt.” EEN DAG VOL ENERGIE EN VERBINDING De sfeer tijdens de opening was uitgelaten en warm. Er waren verschillende foodtrucks opgesteld met een ruime keuze aan hapjes en drankjes. Voor de jongere bezoekers was er volop vermaak met de bungee trampoline. De livemuziek zorgde voor een ontspannen en feestelijke ambiance, waarin collega’s, klanten en genodigden in een informele setting met elkaar in gesprek konden gaan. Rondleidingen door het nieuwe pand boden de bezoekers een kijkje achter de schermen. Ze kregen te zien hoe moderne werkplekken, vergaderruimtes en duurzame installaties samen een inspirerende omgeving vormen die klaar is voor de toekomst. Veel gasten waren onder de indruk van de lichte, open inrichting en de aandacht voor detail. Het nieuwe pand weerspiegelt de ambitie van SGGB om te blijven innoveren en tegelijkertijd een prettige werkplek te creëren voor haar medewerkers. DANK EN TOEKOMSTVISIE Aan het einde van de dag sprak de directie haar dank uit aan iedereen die heeft bijgedragen aan de totstandkoming van het nieuwe onderkomen – van bouwpartners en leveranciers tot medewerkers en omwonenden. De feestelijke opening was voor SGGB niet alleen een moment van vieren, maar ook van vooruitkijken. Vanuit de nieuwe locatie werkt het bedrijf vol energie en vertrouwen verder aan de toekomst. Duurzaamheid, innovatie en samenwerking blijven de kernwaarden waarop SGGB haar beleid baseert. “We zien de komende jaren met optimisme tegemoet,” aldus de directie. “Met dit pand als solide basis zijn we klaar om verder te groeien, nieuwe projecten aan te pakken en samen met onze partners te blijven bouwen aan een sterke toekomst.” SGGB OP INFRA RELATIEDAGEN 2026 SGGB is op 10, 11 en 12 februari aanwezig bij de Infra Relatiedagen in de Evenementenhal te Hardenberg. Bezoekers zijn van harte welkom op stand 119 om kennis te maken met het team en de nieuwste ontwikkelingen binnen het bedrijf. Meld u nu aan met onderstaande QR-code. Of ga naar de site van de Infra Relatiedagen en meld u aan met de code EH2241. Zij hopen u daar te verwelkomen! Meer informatie: www.sggb.nl Kom je op 10, 11 en 12 februari naar onze stand? Scan de QR-code hieronder om je aan te melden. We staan op stand 119 SGGB bv SGGB bv Foto: de SGGB 55-tons boormachine DitchWitch JT120
PLATFORM VOOR GROND-, WEG- EN WATERBOUW 10 Talrijke uitdagingen voor funderingsbranche TEKST: ING. FRANK DE GROOT BEELD: NVAF De funderingsbranche heeft de laatste jaren de handen vol aan het herstellen en verbeteren van kades en dijken en goed funderen van tunnels, viaducten en bruggen in nieuwe infrastructuur. Denk alleen al aan de net opgeleverde De Groene Boog bij Rotterdam en nieuwe grote projecten in de Zuid-As bij Amsterdam, verbreding A27 van Houten naar Hooipolder en bij Amelisweerd en doortrekking A15 naar de A12 en verbreding A12 van Arnhem naar de grens. “Onze infrastructuur is van levensbelang voor de economie en de waterkeringen voor onze veiligheid. De funderingsbranche heeft daar een belangrijk aandeel in”, aldus Jaap Estié, die sinds 1 januari 2026 ook secretaris is van de European Federation of Foundation Contractors (EFFC). Veruit de meeste funderingsbedrijven zijn aangesloten bij de NVAF, waarvan de voorganger in de nasleep van de Eerste Wereldoorlog in 1947 werd opgericht. “Ik schat dat ruim 90% van de omzet in de funderingsbranche van onze 120 leden vandaan komt. Wij vertegenwoordigen de hele scope, van fundering voor infra- en bouwsector tot funderingsherstel. We merken ook dat de leden erg betrokken zijn. Circa 140 vrijwilligers zetten zich in voor onze werk-, project- en contactgroepen”, aldus Jaap. BOUWSECTOR De funderingsactiviteiten in de bouwsector mogen ook in dit blad niet onbenoemd blijven. “Denk alleen al aan funderingsherstel bij de bestaande bouw. Veel gebouwen in Nederland kampen met funderingsschade, bijvoorbeeld door bodemdaling of door een zakkende grondwaterspiegel. De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) heeft in februari 2024 een advies uitgebracht voor een nationale aanpak. In onze werkgroep Funderingsherstel delen experts vanuit uitvoerende bedrijven van funderingsherstel hun kennis en werken ze aan gezamenlijke doelen. De werkgroep is actief op onder meer het gebied van scholing, innovatie, normeringen, veiligheid en het opstellen van eigen algemene voorwaarden voor funderingsherstel. Daarnaast wordt gewerkt aan een erkenningsregeling voor de uitvoerende partijen van funderingsherstel.” Daarnaast zijn er nog de uitdagingen bij inbreidingsprojecten. “Vooral in de grote steden moeten we steeds vaker niet alleen omhoog, maar ook de grond in om bijvoorbeeld parkeerruimte te creëren. Dat vraagt geavanceerde bouwkuipen met grote damwandconstructies. Ook moeten we soms wel tot 60 meter diep de grond in om draagkrachtige lagen te bereiken.” Een uitdaging bij grote projecten is volgens Jaap niet alleen de techniek, maar ook de financiering en planning: “Doordat het zomaar vijf jaar of langer kan duren voor je daadwerkelijk aan de slag kunt, zijn de materiaalprijzen en tegenwoordig ook de rente alweer gestegen. Dat vraagt een goed overleg met de opdrachtgever.” EMISSIELOOS EN VEILIG WERKEN Het werken met zware funderingsmachines is vooral in binnensteden en nabij natuurgebieden (zoals Natura 2000-gebieden) aan strenge eisen gebonden inzake de uitstoot van stikstof, CO2 en fijnstof. “Wij hechten veel belang aan emissieloos werken. We zijn dan ook medeondertekenaar van het Convenant Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB). Onze werkgroep Duurzaamheid is daarnaast een vraagbaak voor onze leden, ook ten aanzien van subsidiemogelijkheden bij de aanschaf van bijvoorbeeld elektrisch materieel. Feit blijft wel dat je voor twee diesel aangedreven funderingsmachines, slechts één elektrische funderingsmachine kan kopen. Daarnaast is er op afgelegen locaties vaak geen stroom beschikbaar. Daar moeten we dus nog stappen maken.” Veilig werken staat eveneens hoog in het vaandel bij de NVAF. Veilig werken betekent een stabiele ondergrond voor funderingsmachines en veiligheidszones in publieke omgeving. Maar ook veilig werken met elektrische materieel. Jaap: “We hebben onder meer meegewerkt aan de Richtlijn Veilige Inzet Elektrisch Materieel die in 2024 door De Groene Koers is uitgegeven.” Daarnaast werkt een projectgroep aan de herziening van de richtlijn voor het Bouwterreincertificaat (BTC), als onderdeel van de Richtlijn Begaanbaarheid Bouwterreinen. Daarvoor werken ze nauw samen met internationale kennisinstituten. “Hoofdaannemers moeten voorzorgsmaatregelen nemen, waardoor funderingsaannemers een stevige ondergrond aantreffen voor hun funderingsmachines. De laatste jaren zijn er enkele heimachines omgevallen door een slechte ondergrond. Dat moeten we in de toekomst voorkomen. Met een Bouwterreincertificaat kan een hoofdaannemer of andere opdrachtgever aantonen dat een terrein geschikt is voor het opstellen en werken met funderingsmachines.” Ook zijn veiligheidszones nodig om publieke ruimte te beschermen tegen omvallende machines of voorwerpen die naar beneden kunnen vallen. Jaap: “Het kan voorkomen dat het aanbrengen van een geboorde paal veiliger is dan een heipaal. Maar een heipaal is goedkoper en sneller. Echter moet je die palen wel weer transporteren. Het kan natuurlijk ook zijn dat de draagkrachtige laag zo laag zit, dat je wel moet boren. Je kan geen paal van 60 meter transporteren en inbrengen.” DUURZAAM WERKEN Al enige jaren zijn er zowel heipalen als damwanden beschikbaar die tevens als warmtewisselaar werken. Jaap: “Deze ‘energiepalen’ zijn voorzien van leidingen waardoor een vloeistof wordt gepompt. In de winter onttrekt de paal warmte aan de bodem en in de zomer koelte. Deze worden via een warmtepomp doorgegeven aan een lage temperatuurverwarmingssysteem in een gebouw. Er worden al terugverdientijden gehaald van slechts vijf tot zes jaar.” Het onttrekken van warmte aan de bodem betekent dat er afkoeling van de bodem plaatsvindt. De zo kouder geworden grond kan in de zomerperiode voor koeling zorgen. De positieve eigenschappen van de twee tegenovergestelde seizoenen Jaap Estié, Directeur van de Nederlandse Vereniging Aannemers Funderingswerken (NVAF): “Onze infrastructuur is van levensbelang voor de economie en de waterkeringen voor onze veiligheid. De funderingsbranche heeft daar een belangrijk aandeel in.” Veel gebouwen in Nederland kampen met funderingsschade, bijvoorbeeld door bodemdaling of door een zakkende grondwaterspiegel. Funderingsherstel is dan ook een belangrijke discipline binnen de funderingsbranche. De funderingsbranche kent veel uitdagingen. Denk alleen al aan het in stand houden en verbeteren van waterkeringen, funderen van kunstwerken in de civiele sector, funderingsherstel en bouwkuipen op inbreidingslocaties. Maar ook emissieloos werken, digitalisering, veiligheid, energiewinning en opleidingen vragen om aandacht. Genoeg te bespreken dus met Jaap Estié, Directeur van de Nederlandse Vereniging Aannemers Funderingswerken (NVAF).
11 NUMMER 1 / JANUARI 2026 FUNDERINGSWERKEN vullen elkaar op die manier uitstekend aan en overschotten worden toch volledig benut. Er bestaan volgens Jaap ook damwandwisselaars: “Deze energiedamwanden zijn aan de walzijde voorzien van de op de planken geplaatste activatielussen. Door het rondpompen van een vloeistof is het mogelijk om warmte of koude te winnen uit langzaam stromend, ondiep water en de ondergrond. De gewonnen warmte of koude wordt middels een warmtepomp opgewaardeerd naar een bruikbare temperatuur voor de verwarming of koeling van panden in de omgeving. De kracht van de energiedamwand ligt in de warmtegeleiding van het staal.” Volgens Jaap kun je met deze systemen ook bruggen en viaducten ijsvrij te houden, door de warmte over te brengen op lussen in een wegdek. “Het hoeft maar een paar graden te zijn om een wegdek ijsvrij te houden. Wellicht kunnen we hier in de toekomst ook wat mee bij bijvoorbeeld wissels bij spoorlijnen, maar dat vraagt nog veel onderzoek.” Wat tot slot speelt is geheel wat anders. Jaap: “Vanaf 2025 geldt de Europese richtlijn Corporate Sustainability Reporting Sirective (CSRD) voor alle grote bedrijven. Deze richtlijn heeft tot doel de transparantie en kwaliteit van duurzaamheidsinformatie te verbeteren, wat grote uitdagingen met zich meebrengt voor de funderingsbranche. Inmiddels is door een projectgroep een ‘golden template’ voor duurzaamheidsrapportages ontwikkeld. Dit template fungeert als hulpmiddel voor een correcte toepassing van de CSRD rapportage.” INNOVATIE Uiteraard is innovatie belangrijk binnen de funderingssector. Denk aan innovaties op het gebied van emissieloos werken, funderingstechnieken en funderingsherstel. Een mooi voorbeeld is kadeherstel. Jaap: “Vanwege de grote opgave en de benodigde snelheid, heeft Amsterdam in 2018 het zogenaamde Innovatie Partnerschap Kademuren (IPK) opgestart en in de markt gezet. Met deze aanbesteding ging de gemeente op zoek naar innovatieve oplossingen om de kademuren sneller, goedkoper en met minder hinder te vernieuwen. Twee fraaie innovaties die daaruit zijn voortgekomen zijn ‘G-kracht’ en ‘Kade 2.020’. Bij G-kracht worden buispalen met een diameter van een halve meter door de bestaande kademuren geboord. Deze innovatieve methode zorgt ervoor dat de kademuur versterkt wordt zonder dat er veel grond- en baggerwerk voor en achter de kade nodig is. Kade 2.020 bestaat uit speciale L-elementen die in de bodem van de gracht worden geplaatst, zodat we de oude kade kunnen stabiliseren zonder de bomen of andere structuren te verstoren. Er zit dus veel innovatiekracht bij onze leden, maar dan moeten opdrachtgevers wel bereid zijn die ruimte voor innovatie te geven!” Volgens Jaap maakt dit de branche ook zo aantrekkelijk voor jonge instromers: “Werken bij een funderingsbedrijf gaat veel verder dan palen in de grond slaan. Je werkt mee aan een goed fundament voor Nederland! Daarnaast werk je telkens op verschillende plaatsen in de buitenlucht. De arbeidsomstandigheden zijn daarbij de laatste jaren sterk verbeterd. Er zijn funderingswerken van groot naar klein en telkens sta je voor de uitdaging om problemen op te lossen. Kortom: werken in de funderingsbranche is prachtig!” Bij energiedamwanden zijn aan de walzijde op de planken activatielussen aangebracht. Door het rondpompen van een vloeistof is het mogelijk om warmte of koude te winnen uit langzaam stromend, ondiep water en de ondergrond. Funderingsspecialist Bouwplaats Funderingsspecialist Materieel Funderingsspecialist Kwaliteit KEUZE KEUZE Funderingswerker Gevorderd - Dragen Funderingswerker Gevorderd - Keren Doorgroeien in de funderingsbranche? Welke stappen kan je zetten? Met de opleidingen van de Funderingsvakschool en het opbouwen van ervaring in de praktijk kun je je ontwikkelen in de funderingstechniek, van starter naar funderingsspecialist. LOOPBAANONTWIKKELING Funderingswerker Basis Starter Funderingswerker Gevorderd Machinist Funderingsmachine Funderingswerker Specialist Ervaring in jaren Funderings vakschool Functie 1 2 3 4 5 Opleiding Funderingswerker Basis (in losse modules te volgen) Opleiding Funderingswerker Gevorderd TCVT Opleiding +31 229 - 729 430 WWW.TRAINCRESCENDO.NL MEER INFO Over NVAF De Nederlandse Vereniging Aannemers Funderingswerken (NVAF) heeft circa 120 leden. Uit de talrijke Werk-, Project en Contactgroepen blijkt de brede scope van deze vereniging. We zetten ze daarom op een rij: Werkgroepen: Arbeidsomstandigheden en Milieu, Contractuele Relaties, Duurzaamheid, Funderingsherstel, Opleidingen, Public Relations, Techniek en Normering en er is een Technische Commissie Funderingsmachines. Projectgroepen: Arbocatalogus, Bouwterreincertificaat, Drijvend funderingsmaterieel, Fysieke belasting, Grondverdringende palen, Herziening Vakboekje Veilig Funderen en Wet Kwaliteitsborging. Contactgroepen: Jong-NVAF, Damwanden, In de grond gevormde technieken, Microtechnieken en Waterbouwkundige funderingstechnieken. FUNDERINGSVAKSCHOOL Meer informatie? Kijk op https://nvaf.nl. Funderingsspecialist Bouwplaats Funderingsspecialist Materieel Funderingsspecialist Kwaliteit KEUZE KEUZE Funderingswerker Gevorderd - Dragen Funderingswerker Gevorderd - Keren Doorgroeien in de funderingsbranche? Welke stappen kan je zetten? Met de opleidingen van de Funderingsvakschool en het opbouwen van ervaring in de praktijk kun je je ontwikkelen in de funderingstechniek, van starter naar funderingsspecialist. LOOPBAANONTWIKKELING Funderingswerker Basis Starter Funderingswerker Gevorderd Machinist Funderingsmachine Funderingswerker Specialist Ervaring in jaren Funderings vakschool Functie 1 2 3 4 5 Opleiding Funderingswerker Basis (in losse modules te volgen) Opleiding Funderingswerker Gevorderd TCVT Opleiding +31 229 - 729 430 WWW.TRAINCRESCENDO.NL MEER INFO
PLATFORM VOOR GROND-, WEG- EN WATERBOUW 12 Innovatieve ophoogtechnieken Gemeenten op een slappe bodem zijn gemiddeld tweemaal zoveel geld kwijt aan het onderhouden van de openbare ruimte als gemeenten op stevige grond. Goede oplossingen zijn bijvoorbeeld lichte ophoogmaterialen of een andere wijze van aanleggen. Recentelijk is door adviesbureau Netics een overzicht met materialen en technieken volledig geactualiseerd en uitgebreid. Op het Congres Bodemdaling op 20 november is het nieuwe overzicht gelanceerd. Je kunt dit gratis downloaden. TEKST: ING. FRANK DE GROOT BEELD: KENNISCENTRUM BODEMDALING EN FUNDERINGEN, TENZIJ ANDERS VERMELD Bodemdaling veroorzaakt in gemeenten op slappe bodem veel schade. Wegen verzakken, rioleringen, kabels en leidingen breken. De verzakte gedeelten kunnen worden opgehoogd met bijvoorbeeld zand. Maar het gewicht daarvan is wel 1.600 kg/m3. Daarmee neemt de belasting op de ondergrond weer toe en drukt er nog meer water uit de spons. Aangezien een veenlaag soms meer dan 10 meter dik is, gaat het bodemdalingsproces nog wel een tijdje door. Zo ontstaat een cyclisch probleem dat gemeenten op een slappe bodem tweemaal zoveel kost aan onderhoud als gemeenten op een draagkrachtige bodem. Door lichtere ophoogmaterialen en innovatieve technieken toe te passen blijft de kwaliteit van de openbare ruimte langer op orde en kunnen levenscycluskosten worden gedrukt. Bovendien hebben inwoners en bedrijven minder vaak last van openliggende straten, omleidingen, verpaupering, afgebroken leidingen en ander ongemak. Er zijn inmiddels veel lichte materialen en technieken beschikbaar, zoals: EPS (15 tot 30 kg/m3), Bims (500 tot 900 kg/m3, droog gewicht), Argex-korrels (400 tot 500 kg/m3, droog gewicht), Schuimbeton (300 tot 600 kg/m3) en schuimglas (130 tot 260 kg/m3, droog gewicht). Maar de aanlegkosten daarvan zijn aanzienlijk hoger dan die van zand. Aan de andere kant neemt de levensduur van de constructie wel fors toe en nemen de beheerkosten fors af. Gemeenten, ontwerpers, ontwikkelaars en aannemers zien soms door de bomen het bos niet meer. Daarom presenteert het Kenniscentrum Bodemdaling en Fundering (KBF) alle oplossingen in een handig overzicht. “In het najaar 2025 hebben we het overzicht grondig geactualiseerd. Deze actualisatie betreft een doorontwikkeling van de factsheet die door Sweco Nederland B.V. in 2019 is opgesteld”, vertelt Bernd van den Berg, kenniscoördinator van het Netwerk Openbare Ruimte. “We zijn blij dat we volop medewerking kregen van de importeurs en leveranciers van alle materialen en oplossingen. Voor iedere oplossing zijn namelijk belangrijke en actuele parameters zoals gewicht, kostprijs en sterkte uitgewerkt en gekwantificeerd. Dit is belangrijke informatie voor wie een goede keuze wil maken voor een ophoogproject.” PROEFVAKKEN Om erachter te komen welke innovatieve, lichtere materialen bij bepaalde condities het meest geschikt zijn, zijn er inmiddels twaalf proefvakken gemaakt binnen zeven gemeenten. Dat gebeurt binnen het project ‘Uitbreiding Monitoring Proefvakken’ van de Regio Deal Bodemdaling Groene Hart. Ieder proefvak met lichtgewicht ophoogmaterialen wordt aangelegd tijdens de uitvoering van een standaard reconstructieproject. Voorbeelden van toegepaste lichtgewicht ophoogmaterialen zijn schuimglas, wilgentenen, EPS en Bims. Ook in Kamerik is een proefvak ingericht. Expert infrastructuur bij het Kenniscentrum Bodemdaling en Funderingen, Arend van Woerden (Sweco), staat bij het proefvak. Hier zijn vier verschillende ophoogmaterialen toegepast: Bims (vulkanisch puimsteen), Argex (gebakken kleikorrels), EPS en gewoon zand als referentiemateriaal. “Waarom doen we dit? We hebben te weinig gedocumenteerde data over wat deze lichte ophoogmaterialen nou precies doen en hoe snel ze zetten. Dus weten we ook niet precies in welke situatie we welk materiaal nu het beste kunnen gebruiken. Daarnaast zien we dat de bodemdalingsmodellen onvoldoende in staat zijn om te voorspellen wat al deze materialen nou precies doen. Dus kun je ook niet goed een besluit nemen welke materialen je nou waar toepast.” Arend vervolgt: “In opdracht van het Kenniscentrum Bodemdaling en Funderingen bekijkt Deltares met zeer geavanceerde technieken wat er nu exact in de bodem gebeurt. Hiermee kunnen we meer ervaring opdoen met al die verschillende materialen, maar we kunnen hiermee ook de bodemdalingsmodellen verbeteren. Doel is dat we het beheer van de openbare ruimte kostenefficiënter kunnen uitvoeren en voor de inwoners een duurzamere openbare ruimte kunnen realiseren.” MYCOBASE Er wordt ook onderzoek gedaan naar biobased ophoogmaterialen, zoals Mycobase van Mycelco. Dit is een biobased materiaal uit onder andere lisdodde, hout, riet en bermgras. Dit materiaal wordt met een schimmel (mycelium) tot één geheel gevormd (natuurlijk composiet). Mycobase is volledig biologisch en geschikt voor volledig hergeZakbaakmetingen proefvakken in Kamerik. Bruin (bovenste) is Bims. Groen is Argex, geel is EPS en Terracotta (onderste) is zand. Deze laatste geeft veruit de meeste zetting. Foto: Platform Slappe Bodem. Ophoging Beneluxlaan Woerden met EPS. Ophoging met Argex in Kockengen, gemeente Stichtse Vecht.
www.gwwtotaal.nlRkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=