GWW-Totaal 2 - 2026

Pag. 18 BEZOEK OOK DE WEBSITE WWW.GWWTOTAAL.NL NUMMER 2 | JAARGANG 17 | MAART 2026 HET GROOTSTE GWW PLATFORM IN NEDERLAND THEMA INRICHTING OPENBARE RUIMTE & KUNSTWERKEN INRICHTING OPENBARE RUIMTE Groen leidt tot forse besparing zorgkosten 10 KUNSTWERKEN Aanpak kunstwerken: liever versterken dan slopen 16 VERHARDINGEN ‘Asfaltmagnetron’ repareert gaten in wegdek 26 BETONPLATEN KEERWANDEN T : +31 (0)528 28 70 07 info@zwaagstrabeton.nl www.zwaagstrabeton.nl NU MAILEN: BINNEN 24 UUR EEN COMPLETE OFFERTE! GOTEN SPECIALS Geopolymeerbeton in hangelementen fietsbrug www.bredenoord.com Duurzame mobiele energieoplossingen Jouw veiligheid staat voorop Voorkom ongelukken Meer weten? Scan de QR-code Ahlmann Nederland 073 599 7755 info@ahlmann.nl

Echt vakmanschap is duidelijk te zien, als je weet waar je moet kijken Ga voor professionele kwaliteit met de 30-dagen 100% comfortgarantie op al onze veiligheidsschoenen. Nieuwe kleur nu verkrijgbaar! steelblue.com/nl

3 NUMMER 2 / APRIL 2026 INHOUD COLUMN ING. FRANK DE GROOT 12 14 advertenties 04 Actueel Drinkwater wordt volgende netcongestie 07 Actueel In de spotlight: Uitstapstrook-oplossing 08 Column Straatwerk Weren – Kleren – Smeren 09 Actueel In de spotlight: Materiaalkeuze als basis voor de juiste lijnafwatering THEMA INRICHTING OPENBARE RUIMTE 10 Inrichting Openbare Ruimte Groen leidt tot forse besparing zorgkosten 12 Inrichting Openbare Ruimte Wijk van de toekomst is klimaatadaptief THEMA KUNSTWERKEN 14 Thema Kunstwerken Duurzame keuze voor houten kunstwerken 16 Thema Kunstwerken Aanpak kunstwerken: liever versterken dan slopen 18 Thema Kunstwerken Geopolymeerbeton in hangelementen fietsbrug 21 Thema Kunstwerken Onderhoud kunstwerken vraagt samenwerking met markt 23 Thema Kunstwerken Eerste modulaire brug met CO2-neutraal beton EN VERDER 26 Verhardingen ‘Asfaltmagnetron’ repareert gaten in wegdek 28 Materieel Nieuws 31 Materieel Tweedehands bedrijfswagen 33 Groen Ecologisch maaibeheer soms goedkoper 34 Groen Nieuws 37 Vereniging Straatwerk Nederland Stratenmaker is niet bezig met voorkomen huidkanker 39 Ondernemen Aanbesteden & Aannemen 40 MKB INFRA Specialist in veelzijdigheid 46 Productnieuws Productnieuws GWW-sector +31(0)592 37 27 19 info@middelbos.nl www.middelbos.nl Import en Groothandel ON-VOOR-STEL-BAAR Onvoorstelbaar groot is ons assortiment aanhangeronderdelen en banden voor Landbouw, Tuin & Park, Quad en Industrie. Door dat enorme assortiment hebben wij altijd voor u het beste, het snelst leverbare en het meest prijsvriendelijke artikel in huis. Vandaag besteld, is morgen in huis. Wielen kunnen we passend maken in onze eigen workshop. In elke gewenste kleur. Met plezier werken wij ons uit de naad voor uw sloffen. NIEUW Landbouwassen Landbouwbanden Industriebanden Velgen BEZOEK ONZE WEBSHOP NIEUW +31(0)592 37 27 19 info@middelbos.nl www.middelbos.nl Import en Groothandel ON-VOOR-STEL-BAAR Onvoorstelbaar groot is ons assortiment aanhangeronderdelen en banden voor Landbouw, Tuin & Park, Quad en Industrie. Door dat enorme assortiment hebben wij altijd voor u het beste, het snelst leverbare en het meest prijsvriendelijke artikel in huis. Vandaag besteld, is morgen in huis. Wielen kunnen we passend maken in onze eigen workshop. In elke gewenste kleur. Met plezier werken wij ons uit de naad voor uw sloffen. NIEUW Landbouwassen Landbouwbanden Industriebanden Velgen BEZOEK ONZE WEBSHOP NIEUW 592 37 27 19 middelbos.nl middelbos.nl n Groothandel EK E OP rication Systems Lubrication System Components Lubrication System Accessories Specialty Products Indust ease and Lubricants Installation Tools Transportation and Trucking Construction and Heavy Equipment Agric rvices Next Generation Automated Lubrication Automatic Lubrication Systems Lubrication System Compon m Design and Engineering Custom design and Engineering Grease and Lubricants Installation Tools Tran ng Equipment Industrial Manufacturing Maintenance and Repair Services Next Generation Automated Lu tem Accessories Specialty Products Industry Specific Solutions System Design and Engineering Custom desig Construction and Heavy Equipment Agricultural Machinery Mining Equipment Industrial Manufacturing Ma rication Systems Lubrication System Components Lubrication System Accessories Specialty Products Indust ease and Lubricants Installation Tools Transportation and Trucking Construction and Heavy Equipment Agric rvices Next Generation Automated Lubrication Automatic Lubrication Systems Lubrication System Compon m Design and Engineering Custom design and Engineering Grease and Lubricants Installation Tools Tran ng Equipment Industrial Manufacturing Maintenance and Repair Services Next Generation Automated Lu tem Accessories Specialty Products Industry Specific Solutions System Design and Engineering Custom desig Construction and Heavy Equipment Agricultural Machinery Mining Equipment Industrial Manufacturing Ma rication Systems Lubrication System Components Lubrication System Accessories Specialty Products Indust ease and Lubricants Installation Tools Transportation and Trucking Construction and Heavy Equipment Agric rvices Next Generation Automated Lubrication Automatic Lubrication Systems Lubrication System Compon m Design and Engineering Custom design and Engineering Grease and Lubricants Installation Tools Tran ng Equipment Industrial Manufacturing Maintenance and Repair Services Next Generation Automated Lu tem Accessories Specialty Products Industry Specific Solutions System Design and Engineering Custom desig Construction and Heavy Equipment Agricultural Machinery Mining Equipment Industrial Manufacturing Ma rication Systems Lubrication System Components Lubrication System Accessories Specialty Products Indust ease and Lubricants Installation Tools Transportation and Trucking Construction and Heavy Equipment Agric rvices Next Generation Automated Lubrication Automatic Lubrication Systems Lubrication System Compon m Design and Engineering Custom design and Engineering Grease and Lubricants Installation Tools Tran WELK SMEERSYSTEEM KIEST U? saleseurope@lubecore.com Milieuvriendelijk beton In 2030 wil Nederland volgens de Nederlandse klimaatwet 55% minder broeikasgassen uitstoten vergeleken met 1990. En in 2050 moet Nederland klimaatneutraal zijn. Door alleen al de uitstoot van CO2-uitstoot bij cement aan te pakken kunnen we grote stappen maken. Want beton is wereldwijd. verantwoordelijk voor maar liefst 8% van de totale CO2-uitstoot. Geopolymeerbeton blijkt een goede vervanger, maar er zijn meer opties. In deze uitgave aandacht voor het constructieve gebruik van geopolymeerbeton in prefab betonnen hangelementen bij een nieuwe fiets- en voetgangersbrug in het Groningse Zoutkamp. De elementen hangen ook nog eens deels in het water, dus worden dubbel belast. In dit project is het bindmiddel cement vervangen door hoogovenslakken. Hiermee bereik je een CO2-reductie van circa 60 tot 70% vergeleken met cementgebonden beton. Nog verder gaat CO2-neutraal beton. Dat is toegepast in een brug die in de Heijmans Voortuin bij het hoofdkantoor is geplaatst. Bijzonder is dat dit kunstwerk ook nog volledig modulair is opgebouwd uit prefab elementen, wat de demontage later eenvoudig maakt. Het geheim van CO2-neutraal beton zit hem hier in het gebruik van een unieke mix van Paebbl, biochar (biokoolstof) en gerecycled beton (soort olivijn). Dan hebben we natuurlijk ook nog de composiet, stalen en houten bruggen. De doorbraak van composietbruggen wil nog niet echt doorzetten, waarschijnlijk door de relatief hoge kosten. Daarnaast is het materiaal bij overbelasting breekbaar en niet eenvoudig te repareren. Toch zijn het geringe gewicht, duurzaamheid, sterkte, lange levensduur en lage onderhoudskosten nog steeds sterke troeven. Hebben we tot slot nog de stalen en houten bruggen. De stalen brug is oersterk, duurzaam en circulair. Het staal moet wel beschermd worden en de productie van virgin staal is niet bepaald milieuvriendelijk. Ook hout is een bewezen materiaal, waarbij een houten brug wel onderhoud vraagt. Maar bij gebruik van hout uit duurzaam beheerde bossen en hoge duurzaamheid heb je wel een kunstwerk met een fraaie natuurlijke uitstraling. Kortom: er is een brede keuze uit duurzame oplossingen voor kunstwerken!

PLATFORM VOOR GROND-, WEG- EN WATERBOUW 4 Drinkwater wordt volgende netcongestie Een bedrijf wil een nieuwe fabriekshal realiseren, productie opschalen of een proces aanpassen. Tegelijkertijd willen we in Nederland richting de bouw van 100.000 woningen per jaar. Zowel fabrieken als woningen vragen om een drinkwateraansluiting, maar vooral fabrieken krijgen soms al te horen dat er geen extra drinkwateraansluiting beschikbaar is. Wordt drinkwater de volgende netcongestie? “Een bedrijf wil een nieuwe fabriekshal bouwen, productie opschalen of een proces aanpassen. Tegelijkertijd willen we in Nederland richting de bouw van 100.000 woningen per jaar. Zowel fabrieken als woningen vragen om een drinkwateraansluiting. Dat schuurt met de grenzen van winning, vergunningverlening, infrastructuur en ruimtelijke inpassing. Dit speelt nu, niet later.” Dat zegt André Mepschen, werkzaam als Business Developer Nationaal bij Water Alliance en daarnaast bestuurslid van de Raad van Advies Aqua Nederland. URGENTIE OP PAPIER, ONRUST IN DE PRAKTIJK “Het Nationaal Plan van Aanpak Drinkwaterbesparing is duidelijk. De doelstelling is een besparing van 20 procent ten opzichte van de periode 2016 - 2019, zowel voor industrie als consument. In 2035 moet het drinkwatergebruik per hoofd van de bevolking richting 100 liter per dag. De vraag die daarbij blijft hangen is eenvoudig en ongemakkelijk: sturen we hier als Nederland echt op? Met concrete maatregelen, duidelijke afspraken en consequent handelen? Of blijft het bij ambities, pilots en goede bedoelingen terwijl de druk op het systeem verder toeneemt? Water is nog steeds goedkoop. Daardoor voelt schaarste niet als schaarste. De waarde van water is hoog, maar dat zie je niet terug op de factuur. In 2023 lag het drinkwatergebruik gemiddelde op 118 liter per persoon per dag. Ongeveer 40 procent daarvan gaat op aan douchen en zo’n 30 procent aan toiletgebruik. Met relatief simpele maatregelen is een besparing van 10 tot 20 procent mogelijk. Dat geldt voor huishoudens, maar in de praktijk net zo goed voor de industrie. In de industrie krijgt water echter een extra lading. Daar draait het niet alleen om gebruik, maar om bedrijfszekerheid. Een fabriek die stilvalt door waterschaarste of strengere lozingseisen betaalt een veel hogere prijs dan de waterrekening alleen. Productieverlies, verstoring van processen en onzekerheid in de bedrijfsvoering wegen zwaar.” KRW: WATERKWALITEIT ALS EXTRA DRUK “Naast beschikbaarheid speelt ook waterkwaliteit een steeds grotere rol. De Kaderrichtlijn Water stelt duidelijke eisen aan de kwaliteit van oppervlaktewater en grondwater. Dat raakt bedrijven die lozen op oppervlaktewater of anderszins invloed hebben op een waterlichaam, bijvoorbeeld via Straks bij nieuwbouw geen drinkwater beschikbaar? André Mepschen, Business Developer Nationaal bij Water Alliance en bestuurslid van de Raad van Advies Aqua Nederland: “De grootste blokkades zitten niet in installaties of technologie maar in keuzes, prioriteiten en besluitvorming.” grondwater. De samenstelling van oppervlaktewater verandert namelijk door seizoenen, droogte en piekbelastingen. Bedrijven die oppervlaktewater innemen voor proceswater merken dat direct. En wie zuivert met membranen of andere technieken krijgt te maken met concentraatstromen waar een oplossing voor nodig is. Dit vraagt om een andere manier van denken. Het klassieke lineaire model van innemen, gebruiken en lozen loopt tegen zijn grenzen aan. Circulair denken wordt steeds noodzakelijker.” KIKKERS IN DE PAN “We lijken als sector kikkers in een pan op het vuur. Het water wordt warmer, maar zolang het nog niet kookt blijft iedereen zitten. De landelijke overheid, provincies, gemeenten, drinkwaterbedrijven en waterschappen hebben ieder hun rol. Wie brengt de verschillende partijen bij elkaar en zorgt voor richting en samenhang? Die regie ontbreekt vaak. Daardoor zijn we afhankelijk van early adopters: organisaties die vooruit willen, die zich willen voorbereiden op de toekomst en niet wachten tot het te laat is. Dat is waardevol maar onvoldoende om de opgave als geheel te dragen. Bij watermaatregelen komt steevast dezelfde vraag op tafel: wat is de terugverdientijd? Investeren in water gaat echter niet alleen over besparen. Het gaat over zekerheid. Over de vraag of je in de toekomst kunt blijven produceren, of je afhankelijk bent van beperkingen in levering of lozing, en hoe robuust je bedrijfsvoering is bij veranderende omstandigheden. Soms is er geen directe financiële terugverdientijd, maar wel zekerheid dat je niet stilvalt tijdens een droge periode. Soms zijn er nauwelijks meerkosten, maar voorkom je afhankelijkheid van een drinkwatermaatschappij die geen extra water kan leveren of strengere eisen stelt aan lozingen.” SPRING UIT DE PAN “Wachten helpt niet. Techniek is het zelden het probleem. De vraag is hoe je begint. Breng eerst je eigen situatie in kaart. Maak inzichtelijk waar water vandaan komt, waar het wordt gebruikt en waar het verdwijnt. Kijk vervolgens naar mogelijke oplossingsrichtingen en ga in gesprek met partijen die daarbij kunnen helpen, wie dat ook zijn. Wie die stap zet, ontdekt vaak dat er meer mogelijk is dan vooraf gedacht. De grootste blokkades zitten niet in installaties of technologie maar in keuzes, prioriteiten en besluitvorming. Precies daarom hoort water niet alleen thuis in de technische hoek, maar daar waar richting wordt bepaald. Dit vraagstuk staat centraal in het bredere gesprek dat Aqua Nederland richting 2026 voert over de toekomst van de watersector.” SSEB 2026 is geopend Op 3 maart opende de Subsidieregeling Schoon en Emissieloos Bouwmaterieel (SSEB) weer. Met deze regeling krijg je subsidie voor de aanschaf van nieuwe, uitstootvrije bouwwerktuigen, hulpfuncties en bouwvoertuigen. De RVO meldt op hun website dat de begroting voor 2026 nog niet is goedgekeurd. Zij geven aan dat aanvragen wél beoordeeld worden, maar dat ze verwachten dat besluiten en de uitbetaling van voorschotten in april of mei 2026 mogelijk zijn. Dit meldt Cumela. Voor 2026 is in totaal 50 miljoen euro beschikbaar: 25 miljoen euro voor de aanschaf van emissieloos bouwmaterieel en 25 miljoen euro voor laadinfrastructuur. Je kunt een aanvraag indienen tot en met 30 oktober 2026. DIT VERANDERT IN 2026 SSEB en MIA zijn niet meer gekoppeld: de belangrijkste wijziging is dat je niet langer SSEB en MIA/Vamil kunt combineren. Je moet dit jaar kiezen tussen één van beide regelingen. De subsidiepercentages voor SSEB zijn verder verhoogd: • 30% van de meerkosten voor mkb-bedrijven; • 25% van de meerkosten voor grootbedrijven. Vorig jaar was dit nog 19% (mkb) en 14% (grootbedrijven), in combinatie met MIA/Vamil. Ter vergelijking: • SSEB vergoedt 30% van de meerkosten. • MIA/Vamil levert gemiddeld ongeveer 6,75% voordeel op over het totale investeringsbedrag. • In veel gevallen is SSEB daardoor financieel aantrekkelijker. De Kamer van Koophandel heeft verder in september de SBI-codes aangepast, zodat deze beter aansluiten bij de huidige economie. RVO heeft de regeling hierop aangepast. Hierdoor blijven de juiste bedrijven binnen de definitie van de bouwsector vallen. HOGERE MAXIMALE SUBSIDIE Per aanvrager kun je nu maximaal 1,5 miljoen euro per jaar aanvragen (was 1 miljoen euro). Per machine kan het subsidiebedrag oplopen tot 500.000 euro voor zwaardere machines (voorheen maximaal 300.000 euro). Er zijn ook nieuwe mogelijkheden toegevoegd: • A1.38. Een tractor of vergelijkbaar multifunctioneel bouwwerktuig met een motorvermogen vanaf 19 kW. De machine moet bedoeld zijn voor gebruik in de bouw. • A2.13. Een mobiel DC (gelijkstroom) laadstation op een bouwlocatie. Dit mag je nu los aanvragen. Voorheen kon dit alleen in combinatie met A2.7 (batterijpakket voor off-grid stroomvoorziening vanaf 50 kWh). Voor SSEB-laadinfrastructuur wordt de regeling gekoppeld aan de SPRILA-regeling. Bron: Cumela. Kijk op de website voor meer informatie. Foto: Staad.

5 NUMMER 2 / APRIL 2026 ACTUEEL Veiligheid nachtwerk op spoor verdient meer aandacht advertenties Herstelwerkzaamheden op het spoor worden voornamelijk in de nacht uitgevoerd om ervoor te zorgen dat treinen overdag blijven rijden en de overlast voor reizigers en vervoerders tot een minimum wordt beperkt. Monteurs, lassers en werkplekbeveiligers houden met het nachtwerk het spoor operationeel. Arbeidsveiligheid bij nachtwerk op het spoor verdient echter meer aandacht. Dat staat in de verkenning Nachtarbeid op het spoor die de Nederlandse Arbeidsinspectie in januari publiceerde. Bij (herstel)werkzaamheden op het spoor staat spoorveiligheid voorop; aanrijdingen en bijvoorbeeld elektrocutie moeten altijd worden voorkomen. Maar aan (nachtelijke) vermoeidheid, gehoorbescherming bij lawaai of blootstelling aan (gevaarlijke) stoffen wordt te weinig gedacht. De verkenning laat zien dat er verbeterpunten zijn op het gebied van gezond en veilig werken op het spoor in de nacht. Het dodelijke arbeidsongeval in Voorschoten in 2023 met een krol (spoorwegkraan) liet opnieuw zien hoe kwetsbaar nachtwerk is. Meerdere aannemers werken gelijktijdig aan of op eenzelfde baanvak met eigen werkwijzen en materieel. Vaak ontbreekt het overzicht op de totale uitvoering. Verder blijkt dat slechts één van de twaalf betrokken bedrijven in de verplichte Risico Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) expliciet aandacht heeft voor nachtarbeid of samenlooprisico’s. De aandacht gaat vooral uit naar spoorveiligheid. ERKENNEN VEILIGHEIDSRISICO’S Het erkennen van veiligheidsrisico’s is terecht, zegt de Arbeidsinspectie. Tegelijkertijd moeten werkgevers ook risico’s als vermoeidheid en lawaai onderkennen. Het komt ook vaak voor dat er op eenzelfde plek meerdere werkzaamheden worden uitgevoerd. Zoals laswerkzaamheden terwijl er tegelijkertijd door een andere aannemer met licht ontvlambaar materiaal wordt gewerkt. Dat brengt risico’s met zich mee en het is daarom belangrijk dat werkgevers preventief maatregelen nemen om deze veiligheidsrisico’s te beperken. INZET ZZP’ERS Bijna de helft van de mensen die ’s nachts op het spoor werkt, is zzp’er. Bij deze zelfstandigen is er te weinig zicht op de werkuren die zij in de nacht maken. En voeren zij daarnaast nog extra werkzaamheden overdag elders uit? Hierdoor kan hun totale werktijd te lang zijn. Dat is ongezond én risico verhogend. Veel zzp’ers werken tijdens de nacht onder gezag van aannemers of werkplekbegeleidingsbedrijven (WPB). De hoofdaannemer bepaalt waar, wanneer en hoe ze werken. Men werkt daarbij in vaste ploegen, onder leiding van anderen. Dat lijkt wel heel erg op werken in loondienst, maar zonder de bescherming ervan. Die indruk wordt nog verstrekt doordat zzp’ers contributie moeten betalen aan werkplekbeveiligingsbedrijven voor opleidingen en aansprakelijkheidsverzekeringen. ARBEIDSTIJDEN: CONTROLE BESTAAT NAUWELIJKS Op papier wordt toezicht gehouden door werkgevers en aannemers via het Digitaal Veiligheidspaspoort (DVP). Daarin staat wie bevoegd is om aan het spoor te werken en hoeveel tijd er zit tussen twee diensten. In de praktijk blijkt de DVP-app echter vooral een aanwezigheidsregistratie is, geen werktijdensysteem. Ruim 80 procent van de werkplekbeveiligers zegt arbeidstijden te controleren via DVP, maar de sector vertrouwt daarmee op een systeem dat weinig of geen grip biedt: • De app registreert niet het andere werk dat iemand overdag doet. • Manuele correcties maken manipulatie mogelijk. • Sommige werknemers klokken niet in of uit, of werken zonder pas. • Het systeem kan eenvoudig omzeild kan worden. Foto: Nederlandse Arbeidsinspectie. J.Withag:  + 31 6 247643 53 j.withag@adler-arbeitsmaschinen.nl www.adler-arbeitsmaschinen.nl Boorwagen B 75 Pro voor aardwarmteboringen! Extreme compacte boortoren voor moeilijke projecten in krappe ruimtes Capaciteit voor boordieptes tot 150 m 1 m & poedercoating HÉT EVENT VOOR INNOVATIEVE MEETTECHNIEKEN, PRAKTIJKVERHALEN EN NETWERKEN Meet & Weet Event 4 juni 2026 Meten in de bouw en GWW is allang meer dan alleen het verzamelen van data. Dankzij toenemende rekenkracht, realtime verwerking, AI en 3D-modellen verandert het vak in hoog tempo. Tijdens het tweejaarlijkse Meet & Weet Event van Geometius op 4 juni staan deze ontwikkelingen centraal. Een dag waarop gebruikers zelf vertellen hoe zij in de praktijk meten, analyseren en optimaliseren. Het event is nadrukkelijk vóór en dóór professionals: van landmeters en projectleiders tot adviseurs en directieleden. Zij delen hun ervaringen uit het veld. Hoe zetten zij apparatuur en software optimaal in? Waar lopen zij tegenaan? En welke oplossingen werken in de praktijk écht? Die open uitwisseling is volgens Jasper Schuur, directeur Geometius, essentieel: “Iedereen weet in de basis hoe een instrument werkt. Maar hoe haal je er het maximale uit? En wat doen anderen ermee? Dáár zit de kennisbehoefte.” TOEKOMST VAN METEN De rol van de meetprofessional verschuift zichtbaar. Door realtime dataverwerking en 3D-omgevingen wordt meten steeds vaker onderdeel van een breder informatiesysteem. Niet alleen een meting opleveren, maar een dataservice waarmee opdrachtgevers zelf analyses kunnen uitvoeren. Daarbij draait het niet om méér data, maar om het scherp formuleren van de vraag achter de meting. PRAKTIJKKENNIS EN NETWERKEN Het programma bestaat uit plenaire sessies, parallelle presentaties, live demo’s en praktische supportsessies. Circa 400 professionals uit Nederland en België komen samen om kennis te delen én elkaar te ontmoeten. Want naast techniek staat verbinding centraal: meten leidt tot inzicht, en kennisdeling versterkt de hele sector. AANMELDEN EN MEER INFORMATIE Het event is donderdag 4 juni bij Boerderij Mereveld in Utrecht. Toegang is gratis. Meer informatie en aanmelden: www.geometius.nl/meetweet2026. TOEKOMST De Arbeidsinspectie gebruikt de verkenning om de sector te informeren. En ProRail, aannemers, WPB-bedrijven en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat werken aan structurele verbeteringen. Voor meer zicht op arbeidstijden, aandacht voor vermoeidheidsrisico’s en meer ruimte voor onderhoud overdag.

PLATFORM VOOR GROND-, WEG- EN WATERBOUW 6 Wat is de waarde van civieltechnisch onderzoek? Nederland staat voor een ongekende opgave op het gebied van infrastructuur anno 2026. Veel kunstwerken naderen het einde van hun ontwerplevensduur én van veel objecten kennen we de technische staat en constructieve veiligheid niet of onvoldoende. De civiele, elektrotechnische en werktuigbouwkundige teams van A-Quin dragen actief bij aan het verschaffen van inzicht in de staat van kunstwerken. Deze keer de ervaringen vanuit het team civiele techniek. Lees er hieronder meer over! Civiel inspecteren omvat het technisch onderzoeken van infrastructuur zoals bruggen, tunnels, kademuren en sluizen om veiligheid, functionaliteit en levensduur te garanderen. Inspecteurs beoordelen hierbij verschillende schades aan onder andere betonnen, stalen en houten onderdelen. Hiervoor wordt vaak volgens de NEN 2767 gewerkt waarvan de decompositie en resultaten als basis kunnen dienen in onderhoudsadviezen en risico-inventarisaties. Dit voorkomt onvoorziene uitval en helpt beheerders bij het budgetteren en plannen van herstelwerkzaamheden. WELKE SOORTEN CIVIELTECHNISCHE INSPECTIES ZIJN ER EN HOE VERLOPEN DEZE? De afdeling civiele techniek van A-Quin heeft een aantal producten die zij kunnen leveren. Middels een uitvraag is van tevoren vaak duidelijk wat de verwachtingen zijn van het onderzoek. De inspecteurs informeren uitgebreid wat er aan de hand is en hoe er in de loop van de tijd met het object is omgegaan. Hoe is het onderhoud geweest? Hoe lang heeft er geen inspectie plaatsgevonden? Zijn er opvallende storingen geweest of is de vraag naar inspectie juist vanuit storingen ontstaan? - EEN INSPECTIE VOLGENS NEN2767 A-Quin wordt regelmatig ingeschakeld door provincies, gemeenten en onderhoudsaannemers gevraagd om de huidige staat van hun objecten in kaart te brengen. De NEN2767 geeft een conditie- en verzorgingsscore aan van gebreken op bouwdeelniveau aan de hand van 3 handvatten: 1. De intensiteit van het gebrek. 2. De ernst van het gebrek. 3. De omvang van het gebrek; hoe vaak komt het voor? - INSPECTIE VOLGENS CUR117 Regelmatig wordt het team Civiele techniek van A-Quin gevraagd een CUR 117 B2 inspectie uit te voeren vaak aangevuld conform de NEN2767. Als opdrachtgever en/ of beheerder krijg je hiermee relevante informatie in handen wat als basis kan dienen voor efficiënt beheer en een goede onderhoudsstrategie van jouw objecten. Naast inzicht in de actuele gebreken kan de CUR117 B2 uitgebreid worden met andere onderzoeken. Met deze onderzoeken krijg je antwoord op de volgende vragen: • Wat moet ik doen om mijn schades te laten repareren? • Wat zijn nu de risico’s die het gebrek veroorzaakt? • Wat kost het om mijn kunstwerk veilig te houden? In de rapportages van deze onderzoeken wordt toegewerkt naar een solide onderbouwing hoe een gebrek het functioneren van het kunstwerk kan beïnvloeden en hoe deze in de toekomst voorkomen of onderhouden kan worden. - PROGRAMMERINGSINSPECTIE Een Programmeringsinspectie is een risico gestuurde inspectie van Rijkswaterstaat welke gebruikt wordt om risico’s en maatregelen te programmeren en te ramen. De focus ligt op bouwdelen met risico’s uit de bureaustudie. Echter wordt alles wat bereikbaar is geïnspecteerd. De programmeringsinspectie bestaat uit de volgende stappen: • Bureaustudie • Intake met de regio om voor hen bekende risico’s op te halen • Inspectie • Outtake met de regio om de inspectieresultaten te bespreken • Analyse en opleveren van het rapport. Het volledige rapport is voorzien van een onderbouwd advies en dit biedt de beheerder een onafhankelijk inzicht in de actuele gebreken van het object gekoppeld aan de risico’s die dit met zich mee brengt en aan maatregelen om deze te beheersen. WAT TE DOEN BIJ ACUTE RISICO’S Bij de Programmeringsinspecties voor Rijkswaterstaat worden acute risico’s direct gemeld bij de beheerder. Denk hierbij aan acute risico’s m.b.t. losse schollen boven het wegdek, openstaande scheuren of kapotte/ losliggende delen van een voegovergang welke risico’s vormen voor de constructieve veiligheid van het object of persoonsveiligheid van de weggebruikers. Hiervoor worden er in het inspectierapport aparte maatregelen voor geschreven waarin het advies onderbouwd wordt en voorzien van een kostenplaatje voor het herstel. WAT IS DE WAARDE VAN EEN CIVIELTECHNISCH ONDERZOEK? CONCLUSIE: Civieltechnisch onderzoek is – met zoveel verouderde objecten anno 2026 - van cruciaal belang voor het waarborgen van de veiligheid, functionaliteit en levensduur van onze infrastructuur. De waarde van een civieltechnisch onderzoek is daarmee groter dan enkel het bedrag dat aan het onderzoek wordt uitgegeven. Het is de prijs voor bereikbaarheid, veiligheid, een goede economie en vrijheid om te gaan en staan waar je wilt. Bezoek de website voor meer informatie: a-quin.nl Team A-Quin op locatie. Civiele en elektrotechnische inspecties. De Verzorgingsscore uit de rapportages. In de matrix worden de gebreken gekoppeld aan de intensiteit, de ernst en de omvang: hoe vaak komt het gebrek voor? Foto van gebreken gemaakt op locatie. A-Quin B.V. Civieltechnische inspecties (IAK) bij de Stuw bij Driel. Foto: A-Quin B.V. Inspectie volgens de NEN2767 bij De Noordtunnel. Foto: A-Quin B.V.

7 NUMMER 2 / APRIL 2026 ACTUEEL IN DE SPOTLIGHT Groot voordeel is dat de perronband naadloos aansluit op het straatwerk en dat er dus ook minder knipwerk nodig is. Bovendien is de hoek van de perronband Complete brede uitstapstrook- oplossing voor haaks parkeren Binnen het brede uitstapstrook-concept heeft Struyk Verwo Infra een nieuwe uitwendige 38/40 perronband ontwikkeld. De nieuwe perronband is voorzien van een universele aansluiting op de 13/15, 18/20 of andere trottoirbandenlijn. Deze band is speciaal ontworpen voor het haaks parkeren met een brede uitstapstrook en is een slim alternatief voor een uitwendig hoekblok. voorzien van een verhoogde neus. Die zorgt ervoor dat vuilophoping in de ronding wordt voorkomen. Het brede uitststapstrook-concept is een snel aan te leggen en onderhoudsvriendelijk alternatief op de trottoirband-tegel- opsluitband-oplossing. En voor de gebruiker een prettig alternatief op de ‘stap maar uit in de groenstrook’-oplossing. Naast deze perronband heeft Struyk Verwo Infra binnen dit het brede uitstapstrook-concept ook drie inwendige hoekblokken in het assortiment. Deze hoekblokken sluiten perfect aan op de brede 38/40-trottoirband, als ook op de 13/15-, de 18/20- of de 58/60-bandenlijn aan de achterzijde van het parkeervak. De combinatie van perronband, rechte band en hoekblok zorgt zo voor een complete oplossing voor haaks parkeren. DE VOORDELEN OP EEN RIJTJE: 9 Meerdere bandenlijnen sluiten perfect aan op de 38/40 perronband. 9 Strakke aansluitingen. 9 Minder knipwerk in bestrating. 9 Eenvoudig in aanleg. 9 Minder voegen, dus minder onkruid en lagere onderhoudskosten. 9 Robuust profiel. ALS U DAN TOCH SLIM AAN HET ONTWERPEN BENT Parkeervakken zijn perfect voor infiltrerende groenbestrating. Het assortiment biedt optimale ontwerpvrijheid in vormen, legpatronen, texturen en kleuren. Ook op het gebied van technische prestaties (zoals infiltrerend vermogen en begroeibaar percentage) en mechanisch verwerkingsgemak zijn er veel keuzemogelijkheden. Dankzij de twee vlakke sluitingen, sluit de perronband perfect aan op zowel de 38/40-trottoirband, als ook op de 13/15, 18/20 banden of andere bandenlijn. STRUYK VERWO INFRA WWW.STRUYKVERWOINFRA.NL Regenwater volledig naar groen in plaats van riool In Meppel heeft de gemeente bij de vervanging van de riolering rond het Westeinde in 2023 een mooie stap gezet richting toekomstbestendige openbare ruimte. Omdat de bomen aan het Westeinde het niet goed deden, is bij de werkzaamheden aan het riool er ook voor gekozen het Citykross-concept aan te leggen. Dit is een klimaatadaptieve ondergrondse groeiplaatsinrichting die hemelwater afkoppelt op het omliggende groen in plaats van het riool. Het regenwater infiltreert nu lokaal in de bodem en komt direct beschikbaar voor de bomen en plantvakken aan het Westeinde. Deze zorgen op hun beurt voor meer biodiversiteit en vermindering van hittestress. Een belangrijk onderdeel van het systeem is de speciale Citykross kolk, die regenwater efficiënt afkoppelt en door speciale buizen laat infiltreren in de bodem. Tegelijkertijd zuivert de UrbanActive-component in het substraat het water, waardoor dit vrij is van vervuiling. Hierdoor profiteren planten en bomen van schoon water en verbetert de bodemstructuur onder stedelijke beplanting aanzienlijk. De nieuw aangeplante lindes (Tilia cordata Rancho) doen het al twee jaar uitstekend in Citykross, zo constateert Aad Leeuwerink, boomspecialist van de gemeente Meppel: “Ze krijgen genoeg water, want ze staan er florissant bij, er zit mooie groei in, geen uitval. Bij een volgende herinrichting zou ik Citykross zeker weer toepassen.” MEER INFORMATIE https://bvb-landscaping.nl/project/ citykross-meppel-afkoppeling-hemelwater-op-groen/

PLATFORM VOOR GROND-, WEG- EN WATERBOUW 8 Alle stratenmakers van Nederland dragen letterlijk hun steentje of tegeltje bij aan de ruggengraat van onze samenleving en economie, oftewel onze infrastructuur. Zonder de infrastructuur komen al onze dagelijkse activiteiten en handel stil te liggen. Belangrijk werk wordt er dus door de stratenmakers geleverd. Dit werk krijgt echter niet de waardering die het verdient, zowel intrinsiek als extrinsiek. En dat is heel jammer, want dit leidt ertoe dat het ambacht voor de instromers als minder aantrekkelijk wordt gezien, terwijl het maatschappelijk belang enorm groot is. Vanuit het maatschappelijk belang is het dus belangrijk om de stratenmakers die er nog zijn te koesteren en te beschermen. En dat beschermen moet soms op een paternalistische wijze gebeuren. Dat kan gaan om het beperken van fysieke belasting door middel van wet- en regelgeving. Die beperking valt niet altijd in goede aarde, omdat sommigen dit zien als inbreuk op hun zelfstandigheid en eigen verantwoordelijkheid. Over die eigen verantwoordelijkheid wil ik het nu hebben, als het gaat over de eigen gezondheid. Juist die gezondheid is van eminent belang en die wordt van buitenaf aangevallen. De aanvaller in deze is de absolute motor van alle biologische en natuurkundige processen: de ZON. Deze zorgt voor ons mentale welzijn en onze huid maakt door middel van UV-B straling vitamine D aan. Dat is belangrijk voor sterke botten en een goed werkend immuunsysteem. AANTAL ZONUREN NEEMT WEER TOE De meteorologische lente (start vanaf 1 maart) is weer begonnen. Daardoor laat de zon zich weer wat vaker zien. Maar meer zon betekent ook dat de zonnekracht zal toenemen. Hoe hoger de zon komt te staan, hoe meer straling deze zal afgeven. Dit wordt aangeduid door de UV-index. Vanaf een UV index van 3 wordt er geadviseerd om te gaan smeren om huidschade te voorkomen. In het voorjaar, als de huid nog niet gewend is aan de zon (weinig pigment), kan je al ongemerkt verbranden. Zonnekracht heeft geen relatie met temperatuur. De zonkracht wordt bepaald door de stand van de zon, de ozonlaag en bewolking, niet door hoe warm het aanvoelt. Op een frisse, heldere lentedag kun je sneller verbranden dan op een warme, bewolkte zomerdag. Het advies vanuit het RIVM is daarom: WEREN – KLEREN – SMEREN. Wil je meer info over zonnekracht, neem dan een kijkje op rivm.nl/zonkracht. EIGEN VERANTWOORDELIJKHEID Terug naar de eigen verantwoordelijkheid. Natuurlijk begint het bij het goed zorgen voor jezelf, maar soms moet je daaraan herinnerd worden. Ik wil een ieder oproepen, of dit nu toezichthouders, projectleiders, uitvoerders of anderen zijn, om bescherming van de huid tegen de zon bespreekbaar te maken. Attendeer personen op het feit dat dit belangrijk is voor de gezondheid, want jaarlijks krijgen 80.000 mensen in Nederland de diagnose huidkanker. Door te WEREN – KLEREN – SMEREN kun je niet alles voorkomen, maar je verlaagt het risico hiermee enorm. Namens de bestratingsbranche dank ik je al van harte als je de moeite wilt nemen om een bijdrage te leveren aan de gezondheid van je medemens. Theo Noorlander Operationeel directeur STRAATWERK Nederland Theo geeft in iedere uitgave van GWW Totaal zijn visie op de bestratingsbranche. WEREN – KLEREN - SMEREN COLUMN STRAATWERK Wie wil ons ‘niet zo schone’ hemelwater hebben? In de jaren zestig en zeventig waren de rioleur en de zuiveraar het eens: Nederland moet worden gerioleerd. Al het water van huishoudens en straatkolken moest de buis in en naar de zuivering. In een bewonderenswaardig tempo werd gemengde riolering aangelegd. Zo lukte het Nederlandse gemeenten om 99,6% van Nederland via de riolering aan te sluiten op een afvalwaterzuivering van één van onze waterschappen. Nederland is daarmee een wereldwijde koploper. TEKST: HILDE NIEZEN, RAAD VAN ADVIES VAN AQUA NEDERLAND EN DIRECTEUR- BESTUURDER VAN STICHTING RIONED De inzichten zijn veranderd. Al minstens veertig jaar zijn we bezig met het uitfaseren van gemengde riolering en het aanleggen van gescheiden stelsels. Het uitgangspunt: schoon hemelwater hoeft niet naar de zuivering. Sterker nog, onder het motto ‘hoe dikker het water, hoe beter het zuiveringsproces’ wil je dat regenwater juist niet verdunt. Bovendien hebben we hemelwater hard nodig in bodem en oppervlaktewater, als buffer in droge tijden. Hemelwater moet je dus afkoppelen. Dat vraagt om een systeemverandering in wijken. In veel gemeenten wordt daar hard aan gewerkt. Bedrijven ontwikkelen innovatieve infiltratiesystemen: we moeten hemelwater vasthouden en infiltreren, we zijn blij met elke druppel. Over die grondgedachte zijn de rioleur en de zuiveraar het nog steeds eens, maar er ontstaan barstjes in de samenwerking. Ook anderen melden zich. De peilbeheerder zit namelijk niet altijd te wachten op grote hoeveelheden afgekoppeld hemelwater. Beheerders van poldergemalen in West-Nederland willen al dat extra regenwater uit de stad er niet altijd bij hebben. En het wordt nóg ingewikkelder, want het ogenschijnlijk logische principe ‘schoon water hoef je niet te zuiveren’ klopt in de praktijk niet altijd. HEMELWATER WORDT ONDERWEG VIES Afstromend hemelwater komt in bebouwd gebied van alles tegen: microplastics van autobanden, vogelpoep, blad, peuken en alles wat verder op straat belandt. Daarbovenop gaan er in de praktijk dingen mis. Eén foute aansluiting, ergens in een bijkeuken op privéterrein, kan zorgen voor een onopgemerkte stroom afvalwater in een hemelwaterriool. Door dit soort factoren is hemelwater tegen de tijd dat het oppervlaktewater of infiltratievoorzieningen bereikt soms helemaal niet zo schoon meer. Dat ‘te vieze’ hemelwater wil de waterkwaliteitsbeheerder niet in het oppervlaktewater hebben. Het schaadt mens en milieu. En de oppervlaktewaterkwaliteit staat in Nederland al onder grote druk, onder meer door vervuiling vanuit industrie en landbouw. Ook in bodem en grondwater willen we geen viezigheid, en terecht. We hebben schoon grondwater hard nodig voor drinkwatervoorziening, industrie en bewatering. DUBBEL INVESTEREN DOOR TE SMALLE AFWEGING Als je niet alleen naar kwantiteit, maar óók naar waterkwaliteit kijkt, voorkom je dat afgekoppeld hemelwater later alsnog voor veel geld naar de zuivering moet. Dit gebeurt helaas in de praktijk: een wijk wordt voor veel geld afgekoppeld, daarna blijkt het hemelwaterriool een negatief effect te hebben op het ontvangende oppervlaktewater en vervolgens wordt de uitlaat alsnog teruggeleid naar de zuivering. Dat is dubbel investeren: eerst afkoppelen en dan toch weer terug naar de zuivering brengen. Terwijl het in zo’n geval efficiënter was geweest om het gemengde stelsel te handhaven en te verbeteren. Gelukkig kunnen we veel. Het begint bij preventie: hoe zorgen we dat we het water minder vies maken? Denk aan het aan banden leggen van ongewenste bestrijdingsmiddelen voor particulier gebruik, of het niet langer toestaan van zinken dakgoten. Daarnaast komen er steeds meer mogelijkheden om ingezameld hemelwater voor te zuiveren voordat het naar oppervlaktewater of bodem gaat. Met nieuwe geotextielen kunnen we steeds meer vervuiling uit het water adsorberen. We kunnen ook winst boeken door foutaanSchoon hemelwater hoeft niet naar de zuivering? Foto: Stichting RIONED.

9 NUMMER 2 / APRIL 2026 ACTUEEL IN DE SPOTLIGHT Kunststof goten bieden daarentegen een lichtgewicht alternatief dat snel en eenvoudig te installeren is, en daarmee perfect aansluit op situaties waar plaatsingsgemak essentieel is. Materiaalkeuze als basis voor de juiste lijnafwatering ACO biedt een compleet assortiment lijnafwateringsgoten, ontwikkeld om in elk type project de optimale balans tussen functionaliteit, esthetiek en duurzaamheid te realiseren. Dankzij onze multi-materiaalbenadering met oplossingen in polymeerbeton, kunststof en Nexite kunnen we altijd een perfect passend afwateringssysteem aanbieden. Nexite , een innovatief betonmateriaal, combineert hoge sterkte met een laag gewicht en is bijzonder geschikt voor hoogwaardige toepassingen waarbij precisie, design en technische prestaties samenkomen. Al deze gootsystemen maken gebruik van hetzelfde uitgebreide roosterprogramma met de gebruiksvriendelijke DrainLock sluiting. Hiermee is dus een ruime keuze voor een passende esthetische oplossing gewaarborgd. MAATWERK Wanneer standaard lijnafwatering niet voldoet bestaat er altijd nog de mogelijkheid voor maatwerk. De klantwens is hierbij de basis voor ons werk. Op basis van deze eisen gaan onze engineers aan de slag, met de ACO ExoDrain als resultaat! Aan alles wordt gedacht, tot in het kleinste detail. Omdat wij beschikken over een goede materiaalkennis en weten wat technisch wel en niet kan, kom je niet voor onaangename verrassingen te staan. Door een complete begeleiding van een project, van begin tot eind is een goed resultaat gegarandeerd! Of een project nu draait om hoogwaardige architectuur met een verfijnd lijnenspel, om budgetoptimalisatie, een duidelijke voorkeur voor betonproducten of maatwerk: ACO heeft altijd de juiste lijnafwatering beschikbaar. Zo zijn we een betrouwbare partner voor elk project, van esthetisch tot functioneel en van innovatief tot traditioneel. ACO. we care for water Polymeerbeton staat bekend om zijn hoge belastbaarheid en uitzonderlijke levensduur. Het is ideaal voor projecten waar robuustheid en een lange levensduur centraal staan. MEER INFORMATIE HTTPS://WWW.ACO.NL/ Eerste Duurzaamheidspaspoorten GWW uitgereikt De ontvangers van het eerste SKG-IKOB Duurzaamheidspaspoorten GWW: Van Verseveld Infra, Ouwejan & F. De Bruijn Infra BV, Ketelaars Groen & Infra BV, K_Dekker Bouw & Infra BV, Aannemers- en Wegenbouwbedrijf Versluys & Zoon BV, Markus BV en G.W.W. Werken Scherrenberg BV. sluitingen op te sporen en door kolken regelmatig leeg te zuigen. Daar verzamelt zich veel vuil dat zich hecht aan zand. De kern is dat we niet alleen moeten kijken naar de hoeveelheid ‘schoon’ hemelwater die bij de zuivering wegblijft, maar ook moeten inschatten hoe schoon dat water in werkelijkheid is. Daarna volgt de afweging: kun je de kwaliteit verbeteren en wat is de beste plek om te lozen of te behandelen? Dat vraagt om een integrale afweging waarin zowel kwantiteit als kwaliteit worden meegenomen. VERKOKERING STAAT ANALYSE IN DE WEG Mijn indruk is dat de afweging wordt bemoeilijkt door verkokering in de watersector. Binnen waterschappen, tussen zuiveraars, peilbeheerders en waterkwaliteitsbeheerders. Binnen gemeenten, waar iedereen wensen heeft voor de openbare ruimte en de stedelijk waterbeheerder niet altijd aan het langste eind trekt. En tussen waterschappen en gemeenten, waarbij ook de financiële kant meespeelt. Want degene die het ‘niet zo schone hemelwater’ ontvangt, betaalt. In proceskosten, in aanlegkosten, of in waterkwaliteits- en milieukosten. Het zou goed zijn als de afweging die belangen kan overstijgen en we het belang van de waterketen als geheel centraal zetten. Dan kun je een weloverwogen keuze maken voor de beste oplossing. Grootschalige afkoppeling van regenwater op wijkniveau. Maar is al dat regenwater wel schoon genoeg om deze bijvoorbeeld naar oppervlaktewateren te leiden? wordt duurzaamheid ook op een eenduidige manier zichtbaar gemaakt in de keten. EERSTE UITREIKINGEN IN AMSTERDAM Tijdens een bijeenkomst in Amsterdam reikte Marten Klein, directeur van het Ingenieursbureau van de Gemeente Amsterdam, de allereerste paspoorten officieel uit. Daarmee onderstreept de gemeente het belang van transparantie en meetbare duurzame prestaties binnen de sector. “Deze paspoorten laten zien dat duurzaam werken niet alleen een ambitie is, maar iets wat we concreet en aantoonbaar kunnen maken”, aldus Marten Klein.’ DOORBRAAK Waarom is dit een doorbraak voor de sector? Het SKG-IKOB Duurzaamheidspaspoort GWW draagt bij aan een sectorbrede beweging richting betrouwbaarheid en verantwoordelijkheid. Het initiatief: • Geeft bedrijven gerechtvaardigd vertrouwen en officiële erkenning. • Maakt duurzame prestaties inzichtelijk en aantoonbaar. • Stimuleert verdere ontwikkeling, samenwerking en innovatie in de gehele keten. SKG IKOB en Building Changes zijn trots op de voorlopers die als eerste een paspoort hebben ontvangen. Deze bedrijven tonen aan dat duurzaamheid een integraal onderdeel is van professioneel ondernemerschap. Met de introductie van het SKG-IKOB-Duurzaamheidspaspoort GWW wordt een nieuwe standaard gezet voor transparantie en betrouwbaarheid. SKG IKOB Certificatie en Building Changes nodigen de sector uit om samen te bouwen aan een toekomstbestendige infrastructuursector waarin duurzame prestaties aantoonbaar zijn én beloond worden. Eind februari heeft de Nederlandse GWW-sector een belangrijke stap gezet richting meer transparantie en een toekomstbestendige infrastructuur. SKG IKOB Certificatie B.V. en Building Changes hebben de allereerste SKG-IKOB Duurzaamheidspaspoorten GWW officieel uitgereikt. Dit zijn aantoonbare, onafhankelijk getoetste verklaringen over duurzame prestaties van bedrijven binnen de grond-, weg- en waterbouw. De duurzaamheidspaspoorten maken duurzaamheidsinspanningen helder, vergelijkbaar en betrouwbaar. Ze zijn gekoppeld aan de Sustainable Development Goals (SDG’s) en gebaseerd op onafhankelijke verificatie. Daarmee krijgen bedrijven niet alleen erkenning voor hun inzet, maar

PLATFORM VOOR GROND-, WEG- EN WATERBOUW 10 Groene speelplaatsen in wijken besparen 23 miljard euro aan toekomstige zorgkosten, doordat overgewicht bij de jeugd wordt voorkomen. Bovendien is 220 miljoen euro minder nodig aan ADHD-medicatie. Vergroening van ziekenhuizen levert een jaarlijkse besparing op van 780 miljoen euro, omdat opnamen korter duren. Dit zijn slechts enkele inzichten van ‘Groen op de balans’, een nieuwe onderzoekspublicatie over de baten van groen. ‘Groen op de balans’ geeft inzicht in de maatschappelijke en economische baten van groen in de stedelijke omgeving. Het is ontwikkeld op initiatief van Koninklijke Vereniging van Hoveniers en Groenvoorzieners (VHG), Royal Anthos en LTO Bomen, Vaste planten en Zomerbloemen. Al deze organisaties zijn partner van De Groene Stad (degroenestad.nl). Met deze publicatie willen de initiatiefnemers politici, beleidsmakers, plan- en projectontwikkelaars, ontwerpers en opdrachtgevers ervan overtuigen dat investeren in vergroening van de leefomgeving ook grote economische waarde in euro’s oplevert. Onderzoeker Tom Bade van kenniscentrum Triple E, onderbouwt dit in deze publicatie ‘Groen op de Balans’ met inzichten en voorbeelden op maar liefst twaalf thema’s. Onder andere op het knellende woningbouwdossier; de netto opbrengst in euro’s van een Hoofdstuk uit Groen op de Balans: stedelijke bomen leveren grote maatschappelijke en economische waarde op, van gezondheid en verkoeling tot biodiversiteit en leefkwaliteit. Bron: Postzegelboom -Bomenstichting. Groen op de Balans: nieuwe inzichten in de maatschappelijke en economische baten van de Groene Stad. groene invulling van de bouwopgave van 900.000 woningen bedraagt conservatief berekend structureel 28 miljoen euro per jaar aan OZB. WAARDEVOLLE INVESTERING Met de inzichten uit Groen op de Balans kunnen meer realistische kosten-batenanalyses worden opgesteld. Groen wordt daarmee niet langer gezien als een kostenpost, maar als een waardevolle investering, die een plek op de economische balans verdient. Hoe beter voor het groen wordt gezorgd, hoe meer het zijn waardevolle functies zoals waterberging, verkoeling en biodiversiteit kan vervullen. De baten van groen zijn bovendien vaak meervoudig: een boom legt CO2 vast, biedt verkoeling, houdt water vast, vangt fijnstof af en fungeert als ecologische corridor voor vogels en insecten. VHG-voorzitter John Koomen verwacht met de publicatie ook een andere groep beleidsmakers te bereiken: “De groep die vooral geïnteresseerd is in de economische argumentatie. Daar is de tijd nu ook rijp voor. We weten dat vergroenen belangrijk is voor een gezonde en prettige leefomgeving, maar beseffen nog onvoldoende wat het dan concreet oplevert. Met deze publicatie kunnen we de financiële investeringen in groen goed onderbouwen.” GROENE GROEI Op 22 januari 2026 is het eerste exemplaar van Groen op de Balans overhandigd aan minister Sophie Hermans van Klimaat en Groene Groei. Voor deze bewindspersoon is gekozen om te benadrukken dat groene groei zeker ook afkomstig is van het échte groen en het geborgd moet worden in de klimaatambities van Nederland. De publicatie zal verder actief onder de aandacht worden gebracht bij diverse stakeholders en de eigen achterban. De publicatie is beschikbaar via de websites van De Groene Stad, Koninklijke VHG, Royal Anthos en LTO Bomen, Vaste planten en Zomerbloemen. De digitale uitgave is kosteloos aan te vragen. De papieren editie is verkrijgbaar tegen kostprijs. Hoofdstuk uit Groen op de Balans: groene infrastructuur langs wegen en viaducten draagt bij aan schonere lucht, biodiversiteit en een toekomstbestendige leefomgeving. Bron: Viaduct A28 – Copijn. Groen leidt tot forse besparing zorgkosten

11 NUMMER 2 / APRIL 2026 INRICHTING OPENBARE RUIMTE Thema (vrij vertaald, red.) Toelichting Voordeel in euro’s / jaar Berekening Groen en festivals In ‘Natuurlijke kapitaalrekeningen’ van het CBS zien we 15 ecosysteemtypen. Parken leveren de hoogste opbrengst per hectare. Denk aan waardestijging vastgoed, inkomsten uit evenementen en horeca, bijdrage aan waterberging en klimaatbeheersing in de stad, lokale voedselvoorziening en vergroting biodiversiteit. 3,7 miljard omzet festivalsector in parken en recreatiegebieden. Jaarlijkse omzet van festivalsector in Nederland is circa 7,4 miljard euro. Deze omzet komt uit circa 1.100 tot 1.200 festivals met meer dan 3.000 bezoekers. Als de helft van deze omzet wordt gegenereerd in parken en recreatiegebieden, komen we op 3,7 miljard euro. Groen en vastgoed Woningen met groen in de buurt zijn 4% tot 30% meer waard, vergeleken met hetzelfde woningtype in een niet-groene omgeving (onderzoek Joke Luttik, WUR). De hoogste waardetoevoeging door de nabijheid van toegankelijke hoogwaardige natuur of uitzicht op oppervlaktewater. Positieve effecten op de huizenprijs treden op tot een afstand van 400 meter. 28 miljoen extra OZB inkomsten gemeenten bij woningbouwopgave 900.000 woningen met groene invulling. Wat zijn de positieve effecten van groen op de waarde van het vastgoed bij de opgave om 900.000 woningen te bouwen? Groene norm van Cecil Konijnendijk: voor de koopwoning een stijging van 12% en voor huurwoning van 5% bij aanwezigheid groen. Jaarlijkse inkomsten aan OZB voor de gemeenten stijgen voor de koopwoningen met ruim 17 miljoen euro bedragen en voor huur met ruim 11 miljoen euro. Volkstuinen In Nederland was er in 2017 ongeveer 3.608 hectare aan volkstuinen. Volgens studie van federatie voor volkstuinen kan een volkstuin van 200 m² voor een gezin een jaarlijkse besparing van € 700,- op de dagelijkse boodschappen opleveren. De aanleg van 100 hectare volkstuinen leidt tot een jaarlijks besparing van 100 miljoen aan zorgkosten. Nederland heeft 240.000 volkstuinen. Mensen met groene tuin hebben minder last hebben van hart- en vaatziekten (10%), beroertes en hersenbloedingen (15%) en darmziekten (20%). Een dag ziekenhuisopname kost minimaal 500 euro per dag. Met 10.000 nieuwe volkstuinen en 10.000 nieuwe tuinders besparen we dan jaarlijks 50 miljoen euro. Bij een duurdere opnamedag van 1.000 euro is dit 100 miljoen euro aan besparing op de zorgkosten. Rijkdom van de rustplaats Nederland heeft ruim 4.000 begraafplaatsen, aldus de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed. De totale oppervlakte bedraagt 4.000 hectare. Dit komt neer op 0,12% van het landoppervlak. De kosten van een graf verschillen sterk per gemeente en liggen tussen de € 800,- en € 7.000,-. Onze begraafplaatsen leggen jaarlijks voor € 500.000,- aan CO2 vast. De Nederlandse begraafplaatsen beslaan ongeveer 4.000 hectare. Een halfopen bos legt gemiddeld ongeveer 2,3 tot 5 ton CO2 per hectare per jaar vast. Gaan we uit van 5 ton, dan leggen de Nederlandse begraafplaatsen jaarlijks 20.000 ton CO2 vast. De prijs van CO2 op de vrijwillige markt is € 8,- tot € 25,-. Bij € 25,- hebben we het over € 500.000,- aan jaarlijks vastgelegde CO2. Eikenprocessierups Wat de schade is van plaagdieren in Nederland is nauwelijks te achterhalen. Meer houvast biedt het geld dat we uitgeven aan de bestrijding. Zo geeft de gemeente Amsterdam 3 miljoen euro per jaar uit aan de bestrijding van ratten. De eikenprocessierups is ook in de steden een groot probleem. Te vermijden kosten eikenprocessierups door stimuleren natuurlijke vijanden bespaart 20 miljoen euro per jaar. Kosten voor bestrijding van de eikenprocessierups variëren van € 75,- tot € 300,-/boom. In 2019 was 55% van de eiken besmet, in 2020 ongeveer 30%. Stel: 200.000 bomen jaarlijks behandelen voor € 100,-, dan is de kostenpost 20 miljoen euro. Goed voor 1 miljoen nestkastjes van € 20,-. Groene daken Nederland heeft circa 10 miljoen m2 groendaken. Volgens Natuur en Milieu is er ruimte voor 21 miljoen m2 nieuwe groene daken/te vergroenen daken. In Nederland valt 853 liter water/m2. Dus op 21 miljoen m2 groene daken valt 18 miljard liter water. Als daarvan 90% wordt vastgehouden en uiteindelijk verdampt of naar de bodem gaat, dan hoeven we 16 miljard liter water niet af te voeren en te zuiveren. Aanleg 21 miljoen m2 groene daken leidt tot een jaarlijkse besparing van 32 miljoen aan zuiveringskosten. Aanleg van 21 miljoen m2 groene daken levert jaarlijkse besparing op van 16 tot 32 miljoen euro op zuiveringskosten. Dit is exclusief vermeden kosten van schade door wateroverlast. Ook positieve effecten op het voorkomen van hittestress, bevordering biodiversiteit en energiebesparing. Op basis van € 100,-/m2 heb je voor 100 miljoen euro, 1 miljoen m2 groene daken. Die kunnen 100 miljoen liter water vasthouden. Groene gevels Een groene gevel, kan per m2 tussen de 5 en 30 liter water vasthouden. Sommige, rijk begroeide groene gevels kunnen tot wel 100 liter/m2 vasthouden. De kosten variëren van € 30,- tot € 300,-/m2. Bij € 100,-/m2 kunnen we voor 100 miljoen euro, één miljoen m2 groene gevels aanleggen die 100 liter/m2 vasthouden. Dat is 100 miljoen liter. Aanleg van één miljoen m2 wandgroen leidt tot een jaarlijkse besparing van 28 miljoen aan waterschade. In 2024 was de schade door wateroverlast in Nederland 280 miljoen euro, aldus het Verbond van Verzekeraars. Bij beperking van de schade door wateroverlast van 10% bij een investering van 100 miljoen euro, komt de vermeden schade op 28 miljoen euro. Verminderen hittestress en vastlegging CO2 Stedelijke hitte leidt tot meer sterfte onder ouderen, gezondheidsklachten als duizeligheid en misselijkheid, slechter slapen en een lagere arbeidsproductiviteit. Meer groen leidt tot verminderen van hittestress en vastleggen van meer CO2. Aanleg van 3,5 miljoen bomen leidt jaarlijks tot 7,5 miljard waarde aan vastgelegde CO2. Het bruto binnenlands product (bbp) was 1.068 miljard Euro in 2023. Met Groene Stad verminderen we hitte en bevorderen arbeidsproductiviteit met 0,01% van het bbp. Investering van 10% is 1,068 miljard per jaar. Dat is 0,001% van het BBP met tienvoudig effect op de economie. Nederland heeft ongeveer 344 miljoen bomen (onderzoek WUR). Bij toename 1% is dat 3,5 miljoen bomen die 87,5 miljoen kg CO2 op jaarbasis vastleggen. De waarde daarvan bij 85 euro per kg CO2 is 7,5 miljard euro op jaarbasis. Verminderen fijnstof Jaarlijks sterven 12.000 mensen voortijdig door blootstelling aan fijnstof, aldus het Longfonds. De verwijdercapaciteit van een beuk met een stamdiameter van 20 centimeter (110 gram fijnstof per jaar) is gelijk aan de fijnstof emissie van een benzineauto over een rijafstand van 1800 kilometer. Een volwassen boom levert minimaal ruim 60.000 euro op, aldus het Norminstituut Bomen. Stadsbomen vangen jaarlijks voor 56 miljoen aan fijnstof af. De totale waarde van vastleggen van fijnstof door de natuur in Nederland bedroeg in 2023 152 miljoen Euro (CBS). Omvang van de waarde van het afvangen van fijnstof door 14 miljoen stadsbomen bedraagt 56 miljoen euro op jaarbasis. Met aanleg 21 miljoen m2 groene daken kunnen we zorgkosten voor longziekten met 20% terugbrengen. Dat kost 4,2 miljard eenmalig en zou een jaarlijkse besparing van 600 miljoen per jaar opleveren. Binnengroen Werknemers in een groene werkomgeving kunnen tot 15% productiever zijn, hetgeen een economische waarde van 1.000 tot 2.500 euro per jaar oplevert, aldus de WUR. Ziekteverzuim op kantoren met planten met luchtzuiverende werking loopt terug met 3,5 dag per werknemer per jaar. Werknemers in een groene werkomgeving kunnen tot 15% productiever zijn, hetgeen een economische waarde van 1.000 tot 2.500 euro per jaar oplevert, aldus de WUR. Gemiddelde kosten van voltijdbaan in Nederland liggen rond de € 90.000,- per jaar per werknemer. Een vermindering van het ziekteverzuim van 1,5% (3,5 dag) door het aanbrengen van binnengroen betekent een besparing van € 1.350,- euro per jaar per werknemer. Groene speelplaatsen In Nederland heeft ongeveer 17% van de kinderen en jongeren tussen de 2 en 25 jaar overgewicht. Van deze groep heeft ongeveer 7% ernstig overgewicht, ook wel ‘obesitas’ genoemd (CBS). Kinderen spelen gemiddeld minder dan een uur per dag buiten, zo blijkt uit onderzoek. Dit is minder dan de aanbevolen hoeveelheid, die vaak wordt gesteld op minimaal twee uur per dag. Ernstig is dat 17% van de kinderen (vrijwel) niet buiten speelt. Groene speelplaatsen in woonwijken besparen 23 miljard euro aan zorgkosten per jaar in verband met het voorkomen van overgewicht. Een persoon met overgewicht kost de samenleving bijna € 11.500,- per jaar. Dat is een jaarlijkse kostenpost van 79 miljard euro. Over hele levensloop zijn totale kosten van overgewicht bij kinderen circa € 150.000,- per kind. Op basis van 17% van kinderen die overgewicht heeft, kost dit de samenleving 125 miljard euro. In groene wijken komt 15% minder overgewicht voor. We kunnen 23 miljard euro besparen op deze kosten door aanleg van groene wijken. Kosten voor aanleg zijn 2,3 miljard euro ofwel 10% van bespaarde kosten. Minder zorg door vergroening In 2021 is het percentage 65-plussers opgelopen tot 19,8% van de bevolking. Dit stijgt naar 24,4 % ouderen in 2035 (CBS). Het aantal 75-plussers neemt toe en een steeds groter deel woont langer zelfstandig thuis. In 2020 woonde 92% van de 75-plussers nog thuis, vergeleken met 83% in 1990 (CBS). In 2024 is 113,5 miljard euro uitgegeven aan gezondheidszorg. Dat is 8,5 miljard euro (8,1 %) meer dan in 2023. Vergroening stedelijke omgeving leidt tot 1,3 miljard minder zorgkosten per jaar en vergroening ziekenhuizen tot een jaarlijkse besparing van 780 miljoen door ziekenhuisopnamen. De jaarlijkse kosten voor gezondheidszorg waren in 2023 ongeveer € 7.000,- per volwassene. De jaarlijkse kostenstijging bedraagt ongeveer 9%. Stel we beperken groei met 1% per jaar door Groene Stad, dan is jaarlijkse besparing 1,3 miljard euro. Een verpleegdag in een ziekenhuis kost € 711,- tot € 1.140,-. Wanneer door vergroening in en rond het ziekenhuis het aantal verpleegdagen met 10% is terug te dringen, dan bespaart dat 486 miljoen tot 780 miljoen euro (exclusief medicijngebruik). TWAALF THEMA’S IN GROEN OP DE BALANS

RkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=