GWW-Totaal 2 - 2026

25 NUMMER 2 / APRIL 2026 Advertorial KUNSTWERKEN Machinerichtlijn voor beweegbare bruggen: veiligheid is het vertrekpunt Met de vele bruggen die het einde van hun levensduur hebben bereikt of komende decennia bereiken, staat Nederland voor een grote renovatieopgave. Wat de renovaties extra uitdagend maakt, is dat een beweegbare brug vanwege de beweegbare delen aan de Machinerichtlijn, binnenkort vervangen door de Machineverordening, moet voldoen. Bij de bouw of renovatie van een beweegbare brug is de Machinerichtlijn geen sluitstuk, maar het vertrekpunt. De richtlijn bepaalt in hoge mate het ontwerp, de uitvoering en het gebruik. Waar machines doorgaans door getrainde operators worden bediend, bevindt een brug zich in de openbare ruimte. Dat brengt extra veiligheidsrisico’s met zich mee, zoals zwemmers die van de brug springen of fietsers die afsluitbomen negeren. DE MACHINERICHTLIJN IN HET KORT De Europese Machinerichtlijn 2006/42/EG heeft als doel om een gelijk veiligheidsniveau voor machines binnen de EU te waarborgen. Gedurende de volledige levenscyclus moeten veiligheids- en gezondheidsrisico’s tot een acceptabel niveau worden beperkt. Dit moet al in de ontwerp- en realisatiefase worden aangetoond. Daarnaast is een gebruikshandleiding verplicht waarin risico’s en de stappen voor een veilige bediening en onderhoud duidelijk zijn beschreven. Daarbij gaat het niet alleen om machine- en elektrische veiligheid. Ook arbeidsveiligheid, nautische veiligheid, verkeersveiligheid, cyberveiligheid en constructieve veiligheid spelen een rol. De fabrikant, vaak de hoofdaannemer of penvoerder van een samenwerkingscombinatie, moet in een Technisch Constructiedossier aantonen dat een zorgvuldig proces is doorlopen waarin alle relevante risico’s systematisch zijn geïnventariseerd en gemitigeerd. Pas wanneer aan alle toepasselijke richtlijnen is voldaan, kan via zelfcertificering een CE-markering worden afgegeven. SAMENHANG EN COMPLEXITEIT Het in kaart brengen, beoordelen en beheersen van risico’s vraagt om een integrale aanpak. Functionele veiligheid, civiele techniek, werktuigbouwkunde en elektrotechniek grijpen nauw op elkaar in. Ook architectonische keuzes hebben vaak direct invloed op de veiligheid van de brug. Voor alle disciplines geldt: hoe complexer de situatie, hoe meer eisen. Wat de situatie extra complex maakt, is dat veel bruggen op afstand worden bediend. Meerdere bruggen worden vaak vanuit één of meerdere bedieningsdesks aangestuurd. Hoewel de bedieningssoftware, camera’s en intercomsystemen bijdragen aan een veilige bediening, moeten de risico’s alsnog worden gemitigeerd. Dit kan betekenen dat niet alleen de brug, maar ook de bedieningscentrale en de koppeling met het netwerk van de bedieningscentrale onder de Machinerichtlijn vallen. RENOVATIES EN DEELRENOVATIES Ook bij renovaties is de Machinerichtlijn uitdagend. Hoewel de Machinerichtlijn al sinds 1995 van kracht is, beschikken helaas nog niet alle bruggen over een volledig Technisch Constructiedossier. Ook niet als de brug na 1995 al is gerenoveerd. De partij die renoveert, in CE-termen de fabrikant, moet aantonen dat de volledige brug veilig is. Soms is aanvullend onderzoek nodig om oudere constructies of elektrotechnische installaties te toetsen aan de huidige normen. De grootste complexiteit zit in deelrenovaties. Zodra sprake is van een substantiële wijziging, moeten alle relevante veiligheidsdomeinen opnieuw worden beoordeeld. Een wijziging in de besturingssoftware kan bijvoorbeeld het bewegingsprofiel veranderen of de krachten op de brug beïnvloeden. In dat geval moeten ook werktuigbouwkundige en civiele aspecten opnieuw worden getoetst. De scope van het project wordt daardoor vaak groter dan vooraf voorzien. Met zoveel uitdagingen rijst de vraag: waar begin je om de CE-certificering daadkrachtig aan te pakken? DE ROL VAN DE CMSE’ER Om deze uitdagingen daadkrachtig aan te pakken, is een ervaren Certified Machinery Safety Expert (CMSE) die de rol van CE-Coördinator op zich neemt onmisbaar. Zo nam een CMSE’er van ÆVO deze rol op zich tijdens de bouw van de Michiel de Ruyterbrug op Urk. Vanaf de eerste projectdag was er een gecoördineerde integrale aanpak waarbij alle disciplines uit de combinatie actief meedachten over machineveiligheid. Dit maakte het bijvoorbeeld mogelijk om al in de ontwerpfase in overleg met de werktuigbouwkundige partner rekening te houden met de onderhoudbaarheid en bereikbaarheid van brugonderdelen. De CE-Coördinator verifieerde alle elektrotechnische, civiele en werktuigbouwkundige documentatie en bracht zo het Technische Constructiedossier op orde. Door deze aanpak werd voldoen aan de Machinerichtlijn een gedeelde verantwoordelijkheid. Met als resultaat dat de Machinerichtlijn in elke fase van het project was geborgd, met als eindpunt een succesvolle CE-markering. VEILIGHEID IS HET VERTREKPUNT Projecten zoals de Michiel de Ruyterbrug laten zien dat een integrale aanpak werkt. Veiligheid moet het allereerste vertrekpunt zijn, nog voordat het ontwerp start. Zeker bij renovaties, waar de risicoanalyse discipline overstijgend is, is een ervaren CE-coördinator onmisbaar. Dit voorkomt kostbare aanpassingen achteraf en resulteert in een beweegbare brug die technisch robuust, aantoonbaar veilig en toekomstbestendig is. Met de vele geplande brugrenovaties is dat van groot belang voor de betrouwbaarheid en veiligheid van de Nederlandse infrastructuur. Bezoek voor meer informatie: www.aevo.nl

RkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=