GWW-Totaal 5 - 2026

PLATFORM VOOR GROND-, WEG- EN WATERBOUW 10 ONDERGRONDSE INFRASTRUCTUUR & BODEMVERBETERING Groen en ondergrondse infra vechten om ruimte We hebben last van grondcongestie. De ondergrond in de openbare ruimte ligt vol met riolering, huisaansluitingen, warmtenetten en tal van kabels en leidingen. Oh ja, er moeten ook nog bomen in! Het zal niet verbazen dat dit vaak leidt tot gebrekkige oplossingen, waarbij het groen meestal het kind van de rekening is. GWWTotaal sprak met Patrick Wagenaar van de Praktijkmeesters over de uitdagingen in stedelijk gebied om de ondergrond optimaal te verdelen. TEKST: ING. FRANK DE GROOT Groen in steden is niet langer vrijblijvend. De Europese Natuurherstelwet stelt namelijk in artikel 8 dat het stedelijk groen en de boomkroonbedekking tot 2030 geen nettoverlies ten opzichte van 2024 laten zien. Daarna moet zelfs een stijgende lijn ontstaan. Deze wet moet onder meer zorgen voor herstel van ecosystemen, vergroten van biodiversiteit, verminderen van hitte-stress en betere afvoer en opslag van regenwater. “Ondanks deze Europese regelgeving wordt de aanleg van groen vaak niet integraal door de gemeente meegenomen bij een inrichtingsplan. Dan moet je achteraf maar zien hoe je dat regelt”, zegt Patrick Wagenaar. Hij begeleidt als projectleider civieltechnische projecten, maar is vooral actief als begeleider van zij-instromers en starters. Daarbij biedt hij cursussen, mentorschap en maatwerk begeleidingstrajecten aan. In zijn werk loopt Patrick regelmatig tegen projecten aan waar onvoldoende is nagedacht over de eisen die groen stelt aan de ondergrond: “De nutsleidingen liggen vaak in of nabij de strook waar je ook bomen wilt planten, dus dat geeft al problemen. Als projectleider kreeg ik bijvoorbeeld een inrichtingsplan aangereikt. Een communicatiemedewerker van de gemeente merkte terecht op: maar waar worden dan de bomen aangeplant? Ik had inderdaad een ontwerp gekregen, waarin geen bomen stonden. De ontwerper reageerde: ja, maar dat is groen, dat doen we daarna. Vraag ik: maar waar moeten die bomen dan komen? In de berm, is de reactie. Oh, maar daar liggen allemaal kabels en leidingen. Daar moet toch ruimte komen voor plantgaten die je met een graafmachine doorspit?” INTEGRAAL ONTWERPEN Hoe vaak komt het niet voor: groen en ondergrondse infrastructuur zijn bij veel gemeenten en provincies een strikt gescheiden wereld. “Dan heb je een projectleider ontwerp en een projectleider uitvoering. De civiel ontwerper houdt vaak geen rekening met groen en verlichting. ‘Dat komt later wel’. Of er wordt door de rioolbeheerder gezegd dat het riool in een straat niet onder bomen mag komen, in verband met mogelijke schade door wortelgroei. Staan er in die hele straat aan weerszijden oude bomen die de gehele weg al overgroeien. Los het maar op, is dan het credo. Maar ze hadden juist samen de situatie moeten bekijken en dan randvoorwaarden moeten stellen. De riolering moet weliswaar worden vervangen, maar oude bomen kun je niet zomaar weghalen. Nog een voorbeeld: houdt de uitvoerder dertig kolken over. Oorzaak: op veel plaatsen konden de 1,00 meter diepe kolken de grond niet in, omdat er op 0,60 meter kabels en leidingen lagen. Het ontbreekt aan een integrale voorbereiding met alle stakeholders.” Rekening houden met plantvakken in het ontwerpstadium is belangrijk, maar het kan ook zinvol zijn te zorgen voor verbinding tussen de bomen. Er is namelijk een theorie dat bomen van het schimmelnetwerk gebruik maken om met elkaar te communiceren. Op deze wijze zouden bomen elkaar kunnen waarschuwen voor ziekten en plagen, zodat ze tijdig stoffen aanmaken om zich hiertegen te beschermen. “Veel wetenschappers zijn nog sceptisch over dat idee, maar het geeft wel aan dat we veel nog niet weten van wat zich onder de grond afspeelt. Dan kan het dus verstandig zijn een doorgaande strook te creëren voor bomen en laagblijvende planten en struiken.” GEBREK AAN KENNIS Grootste probleem is volgens Patrick dat een civiel ontwerper te weinig kennis heeft van groen. “Een boom heeft een doorwortelbaar volume van minimaal 25 m3 nodig voor de wortels. En dan niet één bij één meter en 25 meter diep, maar vijf bij vijf meter en één meter diep. Daarbij wil de nutsbeheerder ook nog twee meter afstand van de wortelkluit. Die ruimte is echter vaak niet beschikbaar, als er geen rekening met bomen is gehouden in het inrichtingsplan. Denk aan kabels en leidingen, fietsstroken of een cunet voor de wegverharding. Of er komen nog grote ondergrondse afvalcontainers. Dan is het echt dringen onder de grond.” Waar het ook wel eens fout gaat, is bij werkzaamheden in een smalle straat met grote bomen: “Ik heb al eens gezien dat de trekwortels aan de straatzijde waren afgezaagd, omdat anders de banden er niet in konden. Dan kun je wachten tot het een keer gaat stormen en die bomen omgaan. Ook een voorbeeld van niet van te voren nadenken over de gevolgen van herinrichting van straten.” Een andere uitdaging is het aanbrengen van diversiteit in de aanplant. Patrick: “Wanneer je allemaal dezelfde bomen aanplant in een lange rij, kan een ziekte op al die bomen overslaan. Ik heb al eens alle kastanjes in een laan zie afsterven door de kastanjebloedingsziekte.” HOE HET WEL KAN Een mooi voorbeeld van hoe het wel kan, bevindt zich niet ver van de plek waren we een gesprek hebben: de Rijnkade in Arnhem. Patrick: “Vanwege de herinrichting van de Rijnkade was het nodig om tien grote leiplatanen tijdelijk naar een depot te verplanten. De leiplatanen maken onderdeel uit van een lange rij leiplatanen dat behoort tot het kunstwerk Blauwe Golven. Na de renovatie zijn de platanen eind 2024 weer teruggeplant langs het nieuwe wandelpad. Alleen is er nu veel meer aandacht besteed aan de ondergrondse groeiplaats van de bomen. Ze zijn in speciaal boomsubstraat geplaatst, met een beluchtingssysteem. Er is ook sprake van een doorgaande groenstrook van circa 250 meter.” De civiele projectleider noemt nog een fraai voorbeeld: de herinrichting van het stationsplein in Apeldoorn, twintig jaar geleden. Bijzonder is het speciaal hiervoor ontworpen boomrooster om de bomen duurzaam in te passen in een verhardingsoppervlak dat doorloopt tot aan de stamvoet. Het rooster maakt de groei van de stam mogelijk door uitneembare ringen. De groeiplaats van de bomen is ontworpen onder een tweede maaiveld, in een soort bunker. Door deze bijzondere constructie hebben de bomen voldoende grond en is toch (onderhouds)verkeer op het plein mogelijk. De geïntegreerde afwatering zorgt voor voldoende water bij de bomen. De bomen groeien al jaren enorm goed, de eerste ringen van het boomrooster zijn eerder verwijderd dan verwacht. Patrick over het project in Apeldoorn: “Het tweede maaiveld zorgt voor drukverdeling, waardoor de grond niet wordt verdicht. Probleem is namelijk dat bij grondverdichting de poriënruimte afneemt, waardoor de bodem minder goed lucht en water doorlaat. Vooral bij natte omstandigheden kan daardoor zuurstofgebrek ontstaan en kunnen wortels afsterven. Voorbeeld daarvan is bomen die met houten schotten worden beschermd tegen bouwverkeer. Maar vervolgens worden er rondom de boom wel zware pallets neergezet met materialen. Krijg je alsnog een verdichte grond.” Herinrichting van de Rijnkade, waarbij tien grote leiplatanen tijdelijk naar een depot zijn gebracht. Dit jaar zijn de bomen teruggeplaatst in brede plantvakken. Foto: Hoogwaterbeschermingsprogramma / Tineke Dijkstra Fotografie. In 2006 is het heringerichte stationsplein in Apeldoorn opgeleverd, met een tweede maaiveld als drukverdeler. Hierdoor wordt de ondergrond niet verdicht en behouden de bomen een goede groeiplaats. Foto: Apeldoorndirect.nl.

RkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=